Waarom het nog rommelig voelt

Zo. Gedaan wat ik moest doen. Bier gebotteld en nieuw bier gemaakt, een wandeling gemaakt van anderhalf uur en een plasticzak vol met rotzooi van langs de weg gevuld (halverwege mijn wandeling zat de zak al vol, zo deprimerend!) lunch gegeten en alle andere dingen in orde gemaakt die gewoon op een dag gedaan moeten worden.

Sinds mijn ‘hele leven rommelvrij’-uitbarsting in december ofzo, waarin ik vond dat ik over elk snippertje van mijn leven een duidelijke beslissing moest nemen, is er echt een verandering gekomen in hoe het dagelijks leven aanvoelt. Weer licht als een veertje.

Ik heb geprobeerd om simpelweg elke emotie uit de beslissing en excuus uit het antwoord te halen en me slechts nog af te vragen: ‘gebruik ik dit?’ (of: ga ik dit 100% zeker gebruiken?)

Ik had ook dingen die mijn fantasiezelf toebehoorden in plaats van aan de persoon die elke dag minimaal anderhalf uur wandelt, het liefst door het bos. Die vaak bezig is met het verzorgen van dieren. Die kippen- en konijnenhokken schoonmaakt, hout hakt en droomt van meer zelfvoorziening.

Ik had dingen bewaard voor het geval de voorraadvoorziening van winkels gierend tot stilstand zou komen maar zit ik dan werkelijk te wachten op een slecht passende fleecetrui en een te strakke legging? Of op niet heel fijne schoenen? Is dat voor ons veel te zweterige beddengoed wel een optie als de gaten in ons huidige exemplaar vallen en de winkels leeg zijn of repareren we het dan gewoon met een andere lap?

De zelfde dingen kwamen steeds terug in mijn beslissingsproces. In mijn ‘ikneemgeenbeslissingsproces’. Ik leg het gewoon boven in de kast of in een bak achter een schot want als het daar drie weken of maanden heeft gelegen is het opeens een stuk nuttiger! (zoals we allemaal weten)

Nee! 😀

‘Wat wil ik nou? Echt?’ vroeg ik mezelf af en schreef het op in mijn dagboek. Ik wist het antwoord wel maar soms moet ik het even letterlijk voor me zien.

Ik wil leven met zo min mogelijk spullen zodat ik tijd en rust heb om de dingen te doen die me gelukkig maken, zoals aandacht geven aan man en kinderen, in de natuur zijn, gezond eten maken, zo nu en dan een blogje typen en hannesen in de tuin. ’s Ochtends minimaal een uur naar buiten en ’s middags om half vier wederom. Lezen. Ik wil een middelvinger naar de commercie, de moderne wereld en iedereen die me iets probeert te verkopen.

Welke dingen dragen daar wel, en niet aan bij? En hoeveel heb ik daar dan van nodig? 1, 5 of 10 stuks? In welke kleding zie ik mijn kinderen nooit, ook al wilden ze het item in kwestie destijds zo doodgraag hebben? Me eraan herinneren dat het geld al is uitgegeven en nooit meer terug komt. En praktisch: alle klassieke boeken die ik ‘ooit eens’ wil lezen van de kringloop, heb ik in vijf minuten gedownload en op mijn reader gezet, waar het geen halve boekenplank in beslag neemt.

Door die extra ruimte had ik oog voor de dingen die weliswaar nog bruikbaar waren en soms ook gebruikt werden maar ik kon me afvragen: ‘heb ik nog zin om hiervoor te zorgen?’. Zoals bijvoorbeeld voor de Lego van de kinderen. De man en ik hebben dat in twee zondagen eens allemaal gesorteerd in bakken, de kinderen maakten er in de loop der tijd weer een rommel van en ze waren redelijk ‘nah’ over de sets die weer opgebouwd waren.

Ze hebben nu een paar sets waar ook echt mee gespeeld wordt en dat is genoeg. Ik hoef niet voor de overige 2.311.785 stukjes te zorgen.

Ik gaf de tent waar ze een nacht min of meer in geslapen hebben, een goed paar schoenen dat mijn sokken uittrekt en de oude tractor van de kleinste aan een vriendin met kind die in elk geval de tractor het einde vindt.

Dingen die nog goed zijn. Die we in theorie nog konden en wilden gebruiken maar die vooral onevenredig veel mentale en fysieke ruimte innamen voor de hoeveelheid plezier die we ervan hebben.

Het zijn juist deze dingen die ervoor zorgen dat ook al hebben we een enorme berg spullen reeds de deur – kliko – kringloop gewezen, ons huis rommelig blijft aanvoelen en je bezig blijft met het uitzoeken van zaken. De twijfelgevallen.

Maar als we die twijfelgevallen niet verwijderen, blijven we bezig met twijfelen. Met organiseren. Met een plek vinden voor de dingen die we eigenlijk niet nodig hebben maar waarvan we het zonde vinden om ze de deur te wijzen. Want duur geweest, want een cadeau, want nog prima, want gewoon echt heel erg mooi.

En soms, als de antennes een tijdje niet zo scherp zijn, hopen de twijfelgevallen zich op. En dat gaat snel. Overal. In boeken, kleding, keukenspullen, hobbymateriaal, gereedschap en schroefjes, speelgoed, schoenen… simpelweg overal. Dingen komen het huis binnen of dingen die je eerder gebruikte of mooi vond, verliezen hun glans of functionaliteit.

Als het geen absolute ‘ja’ is, is het een nee. Simpel.

Als na zeer uitgebreid ontrommelen je huis nog altijd rommelig aanvoelt en je het idee hebt toch nog niet klaar te zijn, stop dan al die dingen die geen volledige ‘ja’ zijn, in een doos. Marie Kondo met haar ‘spark joy’ heeft een punt. Je weet eigenlijk instinctief welke dingen wel en niet mogen blijven.

Schrijf de datum erop. Tape de doos dicht. Schrijf erop wat je een half jaar na het verstrijken van die datum ermee doet: weggooien, of naar de kringloop.

Voel hoe je huis aanvoelt.

Geniet van de lege ruimte.

(ik zie nu dat Dawn – Minimal Mom een video heeft over min of meer hetzelfde. Ik begon gisterenmiddag met deze post dus het is toevallig maar ik link hem even, want ze zegt in woord en beeld wat ik ook wilde zeggen!)

Vorderingen.

Een voor een werden we ziek. De vierde ligt nu op de bank, nog twee te gaan. De mensen die een half uur ten noorden van de middle of nowhere wonen, waren ook gevloerd door het snelle maar venijnige ziektedinges dat er rondwaart dus daar gaan we over twee weken heen.

We zouden er heen gaan om kennis te maken en eens te kijken wat we samen voor elkaar kunnen betekenen. Mij werd verteld dat we op hun land van 15 hectare kunnen komen wonen. Haar man is scheepsbouwer en houtbewerker, zij is net als ik ‘husmor‘. Ik ga nergens vanuit maar ben erg benieuwd. Waar ze wonen is het in elk geval prachtig.

De man heeft de kippenren verder afgemaakt dus de kippen kunnen nu naar buiten zonder zelf vogelvoer te worden. En ook fijn: de kipjes hebben de eierfabriek opgestart, want in een halve dag tijd hadden ze drie eitjes geproduceerd. Lieve kleine perfecte gladde lichtbruine eitjes.

Vanmorgen keek ik naar Sven van een Oorlog Reeds Verloren. Over huizenprijzen en hypotheken. Een paar jaar geleden vroeg ik me al af waarom iedereen massaal huizen kocht tegen belachelijk hoge prijzen. Het kon niet op!

‘Maar de rente is zo lekker laag’. Ja, natuurlijk. Wij woonden in Nederland ook voor amper 600 euro per maand in een nieuw huis van 150 m2 met een enorme tuin. Lekker. Maar de prijs van je huis is nog altijd gewoon zoveel TON, of je lening nu goedkoop is of niet.

Nu alle prijzen stijgen behalve je inkomen, is dat een flinke strop- bijna letterlijk-. Ik weet hoe het voelt als je ergens weg wilt, maar niet kan omdat er gewoon niemand is die je huis wil hebben. Ik weet hoe het is om tienduizenden euro’s af te lossen en ze niet meer terug te krijgen.

We verkochten ons huis in wat het staartje van de huizenmarktcrisis bleek maar ik heb er nooit spijt van gehad dat we niet 2, 3, 4 jaar hebben gewacht, of hoefden te wachten. We hadden de luxe om die aflossingen te doen en onszelf ‘vrij te kopen’ in die zin.

De huiseigenaar kan besluiten de huur te verhogen en als je bij iemands genade op zijn land woont moet je ook maar afwachten of dat goed blijft gaan maar toch ben ik zo blij met de vrijheid die huren ons geeft want ik heb in elk geval die onvrijheid, die van een bank met zijn voet tegen het krukje waar ik op balanceer, niet.

‘Niets’ nodig hebben is en blijft mijn beste verzekering tegen onheil. We geven al maanden nauwelijks nog geld uit, behalve aan praktische zaken. Wat kleding voor de kinderen, hout en gaas voor een kippenren, kosten voor een verjaardagsfeestje… En ik kijk ook altijd eerst of het tweedehands kan, of we iets hebben liggen dat we kunnen gebruiken, of we het echt nodig hebben…

We eten behoorlijk eenvoudig, gebruiken zo min mogelijk van de dingen die we gebruiken en ik probeer alles op orde te hebben omdat dat helpt om rust in mijn hoofd te bewaren. Het afwennen en laten gaan van bepaalde zaken gaat opeens zo veel makkelijker. Ik weet dat vasthouden aan wat dan ook alleen maar tegen me werkt.

Ik heb ook het gevoel dat voor mijn veertigste alles ‘klaar’ moet zijn ofzo 😀 We moeten klaar zijn om te verhuizen ook al wonen we hier nog jaren, ik wil klaar zijn met nutteloze dingen als zoetigheid eten en dingen willen, ik wil klaar zijn met nutteloos tijd doorbrengen op het internet en het lukt allemaal vrij aardig.

Ik ben zo klaar met de moderne wereld. En met de meeste mensen. Misschien is het inderdaad maar beter als ik een uur van de bewoonde wereld ga wonen. In een kleine hytte met een composttoilet en een waterpomp en een houtkachel. Ik ben er wel klaar voor, geloof ik 😉

Dopaminietjes.

Zo stom, woensdagochtend voelde ik me na het boodschappen niet zo lekker, vervolgens kon ik niet anders dan mijn bed in duiken, ik sliep 16 uur en de ochtend erna voelde ik me weer prima. Daardoor moest ik wel de bijeenkomst van Binders afzeggen, maar volgende week gaan we vrolijk verder.

Ik las het boek van youtuber en podcaster Jenny Mustard om bij in slaap te vallen (dat lukte goed!) en een boek ’40 Day Dopamine Fast’ van Greg Kamphuis. Dat laatste was wel interessant. Dopamine zorgt ervoor dat we zin hebben om dingen te doen die misschien niet altijd even gezond of verstandig zijn. Is

Je hersenen maken het aan als je iets doet dat je plezier geeft. Wandelen, water drinken en met de kippen knuffelen zorgt voor de aanmaak van dopamine maar scrollen op je telefoon, alcohol drinken en pårneau kijken ook, en meer. Een hamburger zorgt voor meer dopamine dan broccoli en wijn meer dan water.

Je lichaam wil het chemisch evenwicht, de homeostase, behouden en maakt zichzelf, als je je maar lang genoeg blootstelt aan zaken die voor grote hoeveelheden dopamine zorgen, minder gevoelig voor die dopamine. De reden dat je steeds meer nodig hebt om dezelfde kick te krijgen.

Het gevolg is dat dingen die prettig zijn, saai lijken en dat je van de dingen die je veel dopamine geven steeds meer nodig hebt om het zelfde aangename gevoel te krijgen.

Misschien klets ik ook maar wat nu, zoek het vooral zelf op, ik ben uiteindelijk ook geen wetenschapper.

Ik vroeg me af, wat is voor mij nu een ‘high dopamine’ activiteit?

Ik rook niet, drink niet veel alcohol en heb absoluut geen behoefte aan meer maar ook niet aan minder alcohol, ik houd niet van drugs, eet geen junkfood of rommel met smaakversterkers of kunstmatige shit, pårneau is nou ook niet echt mijn ding, winkelen vind ik vreselijk en op mijn seniorentelefoon kan ik niet eens scrollen. Televisie kijken doe ik zelden, hoewel er af en toe opeens iets is (AfterLife seizoen drie, jeej!) dat me doet bingewatchen.

Wat dan wel? Koffie. Ik houd van koffie. Of mijn hersens vertellen me dat ik houd van koffie. Internet. Deze tijd is (helaas) erg interessant, de ontwikkelingen gaan zo snel en ik wil veel weten. Bovendien is een youtubefilmpje als ik eten sta te maken of de was opvouw, gewoon gezellig, toch? Ik houd contact met vriendinnen en kennissen via Telegram.
Suiker. Niet veel maar het gaat zo makkelijk, een stukje chocola bij de thee (niet bij koffie, blergh!), een cracker met marmelade om de lunch mee af te sluiten etc.
Boeken lezen.
Muziek luisteren.

Het fysieke deel van mijn relatie met de man.

Die laatste drie dingen, die zijn positief. Ik kan goed tegen stilte, tegen geen boeken lezen en tegen direct in slaap vallen als ik in bed ga liggen, dus ik zie geen afhankelijkheid, ik geniet ervan en dat is het.

Die andere dingen echter, besloot ik aan te pakken. Want waarom zou ik suiker eten? Ik houd niet van het effect dat het heeft op mijn lijf. De extra kcal, de schade aan organen, hersenen en tanden en meer, het feit dat suiker eten altijd betekent dat je meer trek krijgt in suiker…

Dus ik besloot geen toevoegde suikers meer te eten. Ik ga niet full keto en schrap niet elke koolhydraat uit mijn dieet. Ik zie het nut er niet van. Ik eet gewoon geen jam, geen koekjes, geen chocola en geen snoep meer en dat was verrassend makkelijk om af te wennen. Ik heb het niet gemist, ik heb alleen de eerste dag toen ik trek had in een stroopwafel bij de koffie, een dadel en twee wortels gegeten (na de koffie) en dat was het. Een teken dat ik niet heel erg verslaafd was 😉

Internet: hoe vaak lees of kijk ik nu echt iets waarvan ik denk: ‘ik ben maar blij dat ik dit niet gemist heb!’. Toch ook maar zelden, uiteindelijk.

Leuk om te kijken hoe iemand anders een keukenkastje opruimt maar daar worden die van mij niet netter van. Leuk om te horen hoe iemand anders fit blijft in de winter maar daardoor sta ik nog niet buiten met mijn hardloopschoenen. Die ik ook niet heb.

En daarbij, ik denk echt dat al die indrukken en meningen en beelden van anderen, een soort verstorende invloed hebben op de persoon die wij zelf zijn. De een zal er minder last van hebben dan de ander. Ik misschien meer, want Mediator-type en spons maar ik denk dat het gebrek aan contact met je echte zelf epidemisch is in deze maatschappij.

Dus ik besloot mijn ochtenden offline te beginnen en pas als ik alles had gedaan dat ik moest doen, de computer aan te zetten voor wat nodige dingen.

Vanmorgen heb ik buiten opgeruimd, de rommel van de kabelleggers weggehaald, wat dingen veranderd in huis, een lang stuk in mijn dagboek geschreven en kruidenthee gedronken. Heerlijk. Ik merk dat als de computer aanstaat, of makkelijk aan kan, de verleiding om even een berichtje te sturen of iets te doen en bekijken groter is, dus de wifi blijft uit en de laptop dicht het meeste van de dag. Ik merk dat ik best vaak denk dat ik even iets moet doen, of opzoeken maar als dat niet kan verdwijnt dat net zo snel weer. Maar zo zijn onze hersenen dus bedraad, inmiddels.

Dingen die ik echt wil kijken, bewaar ik voor een moment waarop mijn aandacht wel volledig erop gericht kan worden. Zoals deze:

Roman Vladimirovich Yampolskiy is een Russische computerwetenschapper aan de Universiteit van Louisville, bekend om zijn werk op het gebied van gedragsbiometrie, beveiliging van cyberwerelden en kunstmatige intelligentie.

Dit is een ontwikkeling die me interesseert en heel eerlijk, enige angst inboezemt dus er meer van weten en begrijpen is essentieel. Ik zeg niet dat ik nooit meer youtube -of bitchute- luister tijdens een taak, maar ik ben gestopt het als een soort audiobehang te gebruiken. En dat voelt goed.

En oh ja, koffie. Ik heb de meeste koffie vervangen door Poolse nepkoffie gemaakt van bieten, gerst, rogge en paardebloem. Inka, heet het. Ik weet eigenlijk niet waarom ik het weer vervangen had door koffie want het is hartstikke lekker en gezond. Ik weet niet of het dopaminetechnisch veel scheelt, maar dat was ook niet helemaal mijn insteek. Koffie is iets waar ik sowieso te makkelijk te veel van drink.

Ik kan ook gewoon echt heel blij worden van schrijven in mijn dagboek, van een piepklein paddestoeltje vinden op een steentje met mos, van een mooie schelp, van wandelen zonder tech, van het schrijven van een brief, van een appel eten of vroeg naar bed gaan, van vogels kijken en van stilte. M’n dopaminereceptoren zijn niet helemaal van God los.

Het is gewoon goed om je af en toe af te vragen waarom je de dingen doet die je doet en terug te keren als het dingen zien die onder de streep niets bijdragen, dopamine of niet. Maar, een verstoorde balans hierin is wel degelijk een probleem….

Onze wereld is niet natuurlijk en vaak overstimulerend, of het nu gaat om eten met onnatuurlijke smaak, dames met onnatuurlijke lichaamshoudingen en voorkeuren, te gemaakt, te gecafeineerd en genicotineerd, te zoet, te smakelijk, te makkelijk, te snel, te gehyped, te… alles. En dat is gewoon niet goed voor ons welbevinden, is mijn zeer wetenschappelijk verantwoorde conclusie na het lezen van het boek.

Saaie dag nog beste mensen!

Het plezier van niets verkocht worden.

Gisteren had ik een heel verhaal geschreven over dat er hier eigenlijk heel weinig reclame te zien is. De bus heeft een reclame met ‘hier kan uw reclame staan’ en bij de tandarts hangt een scherm waarop we kunnen zien hoeveel suiker kaviaar in tube bevat. Veel!

(ik denk dat het verhaal niet is opgeslagen wegens slecht internet, ik kon alleen de eerste alinea nog vinden, dus hier is poging twee)

Maar echt, de afwezigheid van billboards en andere reclamemeuk op straat en eigenlijk overal hier is erg prettig. Het valt me nu pas op als we ergens anders zijn, wat voor berg van advertenties er dagelijks op je af komt als argeloze stadsbewoner.

En ook al ren je niet direct naar de winkel voor een nieuwe onderbroek of chemisch aspartaamdrankje, je hersenen registeren het wel. En dat geldt voor zo veel dingen. Zoals ook voor het constante bombardement aan goedbedoeld advies. Ja, ik snap de ironie dat ik hierover schrijf als ik net mijn beste opruimtips geef of deel hoe ik een ‘low buy’-periode houd maar serieus, heb je wel eens gekeken hoe vaak je per dag de boodschap ‘incapabel’ te zijn, te horen, lezen of zien krijgt?

Natuurlijk, we zoeken het ook zelf op omdat we dingen willen veranderen. Ik vind het ook motiverend om van anderen te lezen hoe ze hun leven veranderen, minder afhankelijk worden van winkels en de constante dopaminerush van nieuwe spulletjes en online winkelen maar… we krijgen wel heel vaak te horen hoe we Zouden Moeten Zijn. We zijn nooit gewoon prima.

Koop deze trendy kleding! (je kleding is niet hip genoeg)
Houd een dry january of een ‘hvit måned (je drinkt te veel!)
Maak je lichaam nu al klaar voor het strand (je bent te vormeloos!)
Koop nu een mooiere keuken om beter in te koken! (je keuken is lelijk en je eet te veel magnetronvoer!)
Atomic Habits! (je bent een ongemotiveerde faalhaas maar ik vertel je mijn magische geheim als je mijn boekje koop!)

En dan nog de eindeloze stroom met Perfecte Plaatjes.

Perfecte huizen. Perfecte nagels. Perfecte kapsels. Perfecte garderobes. Perfecte tuinen. Perfecte vogelvoerdecoratie. Perfecte poriën.

Daar steken mijn eigen huis, nagels, haren, garderobes, tuin en vogelhuisje toch maar sobertjes bij af 😉

Die van 99% van de mensen steken daar sober bij af.

En dat is prima.

Ik ben al een tijd geleden geleden gestopt met me er druk om maken. Ik voel me niet meer minder dan de fitgirl die zo desperaat spontaan probeert te laten zien dat ze een sixpack heeft, moeiteloos! Of: met de juiste mindset.

Ik voel me niet minder dan de dame op youtube met het perfecte huis, want ik weet hoe veel tijd het kost om het perfect te houden: nee, bedankt.

Ik voel me niet achtergebleven omdat we in een huurhuis wonen terwijl iedereen roept dat we moeten kopen.

En gelukkig kan ik het ook redelijk goed wegredeneren als iets me wel aanspreekt. Bepaalde kleding: ga ik dat echt dragen? Nee. Een keukenapparaat: gebruikte ik mijn vorige juicer veel? Ja, heel veel en toen nooit meer. Is het dan logisch om te kopen? Neen.

Als ik iets wil veranderen, dan denk ik zelf wel na over hoe ik dat wil bewerkstelligen. En natuurlijk zijn tips en trucs en motivatie op het internet en in boeken dan fijn. Maar er is een groot verschil tussen het zelf opzoeken en er de godganse dag mee gebombardeerd worden.

Als je ergens niet tevreden mee bent, moet je het anders doen. Maar nu wordt ons heel de tijd op subtiele en minder subtiele wijze duidelijk gemaakt dat we niet voldoen aan De Hoogste Standaard, die we, zo vertellen social media en advertenties ons, moeiteloos zouden kunnen verkrijgen als we maar niet zo lui waren. Of een betere keuken hadden. Of de tijd zouden nemen om wekelijks een half uur uit te trekken voor het doen van onze nagels. Als maar het schema van x, y of z implementeren. De cursus mealplannen volgen. Geld betalen om te leren besparen van die dame met het comfortabele overheidsinkomen die alle gratis informatie voor 25 euro p.p. voor je op een rijtje heeft gezet. De juiste producten kopen.

Ik houd echt van mooie plaatjes. Ik kan genieten van leuke interieurs op pinterest. Stokoude cottages, Scandinavisch minimalisme, statige landhuizen, oude Noorse boerderijen waar de tijd heeft stil gestaan…

Of geweldige outfits van mensen veel hipper en urbaner dan ik. Knappe capsulewardrobes met een paar prachtige tijdloze kwaliteitskledingstukken. Kunstig opgebrachte eyeliner.

Maar zonder het zelf te willen hebben.

Ik vermijd de meeste advertentie sowieso: ik heb geen instagram, geen facebook, geen twitter, geen televisie, een adblocker, geen nieuwsbrieven, geen tijdschriften en ik woon in een gebied waar de reclame in een bushokje zich beperkt tot ‘Elke vrijdagmorgen yoga op de kade bij de Landhandel in 2017’, ‘tlf 9873453 voor het verwijderen van hardnekkige boomstronken’ en ‘bel Vidar Gundersen voor droog gemengd stookhout tegen een goede prijs’. En ja, blijkbaar heeft iedereen het nummer van Vidar.

Ik kan het los zien van de dingen die ik wil, of heb. Ik ben tevreden met mijn eigen leven en met de dingen die er zijn, of niet zijn. En dat voelt zo veel beter dan proberen te voldoen aan een onhaalbaar ideaal.

Ik denk dat velen van ons zo opgehangen zijn aan alle dingen die ze zouden moeten doen, zijn en kopen dat ze zichzelf zelden horen denken. En als je niet weet wie je bent en wat je wil, vullen andere mensen, bedrijven, dat voor je in.

Ze vertellen je dat je niet goed genoeg bent en bieden de oplossing. Kost wat, maar dan heb je ook niets, behalve het constante gevoel te falen in deze uiterst mensonvriendelijke maatschappij en we weten allemaal dat de weg naar geluk meer van hetgeen is dat ons in de eerste plaats ongelukkig maakte.

In elk geval gedragen we ons op die manier.

Offline, naar buiten zonder je telefoon, een fijn ouderwets boek, reclames barricaderen en de tijd nemen om in contact te komen met wie je ook weer zelf bent. Ik denk dat de wereld er flink van op zou knappen.

Dinsdagmorgen.

Het huis is weer netjes. Op het gemakje… nu koffie.

Heb de lades van de kinderen opgeruimd. Ze hebben elk een lade in de keuken voor hun telefoon, headset, huiswerk, chromebook en lader maar het is erg makkelijk om alles wat je op moet ruimen ook erin te schuiven en dat is niet de bedoeling natuurlijk.

Verder hangt de was te drogen boven de houtkachel, heb ik de keukenkastjes afgenomen, een beetje ontrommeld in lades die ik opentrok en uiteraard mijn gewone ochtendroutine gedaan.

Buiten vriest het en we hadden de warmtepomp aangezet om het toch enigszins aangenaam te houden maar inmiddels kan deze weer uit. De zon komt in de keuken en dan warmt het aardig op en aan het einde de middag gaat de houtkachel aan.
Ons verbruik ligt een stuk lager dan vorig jaar, dus we merken weinig van de hysterische stroomprijzen maar met een kale prijs van 201 øre per kWh loont het om op te letten.

Afgelopen weekend heeft de man een ren gemaakt voor de kippen. Hij kwam een plank tekort dus hij is nog niet helemaal klaar maar straks kunnen de kipjes weer altijd naar buiten. Nu ‘mogen’ ze alleen als ik in de buurt ben, wegens roofvogels dus vandaag moeten ze ook even wachten tot ik terug ben van ‘på tur’.

Ik las van het weekend een leuk boek: Why I Live in a Shed van Catrina Davies en nu lees ik ‘What Falls From the Sky’ over een vrouw die een jaar gaat leven zonder internet en God vindt. Het eerste boek vond ik geweldig, het tweede stokt een beetje en blijft wat hangen in beschrijvingen van dingen, wat ik mooi vind maar niet urenlang.
Ik vind het altijd geweldig om te lezen over mensen die hun leven radicaal omgooien en dichterbij de natuur en verder van technologie gaan staan, in meerdere of mindere mate…
maar ik ben toch erg blij dat ons huis wel geïsoleerd is en dat ik niet ’s nachts in de regen in mijn eigen tuin hoef te pinkeln of de was moet doen in een emmer.

Het avondeten is al bijna klaar. Rijst met kip van gisteren voor de man, wraps met groenten en gehakt voor de kinderen en voor mij een salade met omelet die ik straks nog even klaarzet. Vanavond begint de padvinders weer voor de oudste twee. Ze gaan door het bos lopen met de hele ‘gjeng’ en kampvuur maken. Ze mogen kampvuurvoer meenemen als ze willen. Fijn hoor. Benieuwd hoe lang het feest zal duren….

Gisteren kwam DL2 thuis met het verhaal dat de leraar aan haar gevraagd had, in de klas of ze een test gedaan had. Ze zei nee. ‘Wilde mamma dat niet?’ Nee, dat wilde mamma niet.

Ik heb nog maar eens een mail gestuurd dat mijn kinderen geen medische informatie hoeven delen, dat de leraar hier niet naar mag vragen en al helemaal niet zonder toestemming van mij of de man. En dat mijn kerngezonde kinderen niet ziek zijn tot ze het tegendeel hebben bewezen. Ik leef niet in die waan en dat ga ik ook niet doen.

Ik heb maanden geleden al gemaild dat we niet testen. Ze mogen hiervoor overigens ook toestemming tot de school niet weigeren, ondanks dat ze me toen lieten weten dat de kinderen dan wellicht thuisschool moeten volgen. Het is aan de school om dan passend onderwijs te verzorgen en ik denk dat ze dat gedoe niet op de nek willen halen, in drie verschillende klassen. Vier, als ik de oudste op het voortgezet onderwijs meetel.

Gezeik.

Goed, ik ga eens een wandeling maken want het is alweer bij elven. Ik denk dat ik de telefoon meeneem, gewoon om een paar mooie plaatjes voor op m’n blog te maken.

De kinderen zijn vandaag pas bij half drie thuis, dus ik heb nog even heerlijk de tijd voor mezelf.

Later!

Mijn beste opruimtips.

Want een botte bijl werkt ook, uiteindelijk.

Bedenk wat je wil en waarom je dat wil.

Het hoeft geen boekwerk of driedaagse studie te worden, gewoon bedenken ‘ik wil van die overbodige troep af want het is alleen maar extra gedoe’ is ook een goede reden. Mijn initiële reden om dingen weg te doen was simpelweg omdat het in de weg stond en ik geen idee had hoe ik al die dingen moest organiseren. Wel: rommel moet je niet organiseren.

Wat je reden ook is: het is denk ik belangrijk om te weten waarom je iets doet.

Doe het op de manier die bij je past.

Ik lees vaak dat je niet overal tegelijk moet beginnen en dat zou ik ook aanraden, maar voor mij werkt het wel. Er is maar een manier en dat is er dwars doorheen. Een kastje per dag zou me tureluurs maken maar ik begrijp dat dat juist voor andere mensen is wat het vlammetje doet branden.

Ik geloof wel in de schone lei: alle spullen en kleine meubels uit een ruimte (lade, kast, kamer) verwijderen en alleen terug stoppen wat je er echt 100% terug in wil hebben. Als we de spullen op hun vertrouwde plek zien, is het vaak veel lastiger om te beseffen het overbodige meuk is.

Bij twijfel: niet bewaren

Moet je een doos hebben met dingen waar je over twijfelt? Als je bang bent dat je spijt krijgt, zou ik dat doen. En dan dicht tapen en de vervaldatum erop schrijven: heb je het voor die datum niet MOETEN openen, dan kan het weg.

Alle dingen waar ik in eerste instantie over twijfelde, gingen uiteindelijk alsnog de deur uit. Als het geen oprechte en hartgrondige JA is, is het een nee. Simpel.

Maar ook dat moet je natuurlijk op je eigen manier doen.

Niet miepen over iets dat je mist.

Als je gaat minimaliseren, kom je misschien wel 10.000 dingen tegen die je niet meer nodig hebt. Het kan zijn dat daar een of twee dingen tussen zitten die je niet weg had moeten doen. Ik heb foto’s ervan maar toch per ongeluk mijn poesiealbum weggedaan. 90% ervan boeide me niet, maar de bladzijdes van mijn opa’s en oma’s wel. Jammer maar niet meer dan dat en wellicht dat ik het nu alsnog weg had gedaan.

Ik hoor mijn opa ook zo zeggen ‘och meid, wat kan jou dat nou verrotten’. Ik had een wijze opa en zijn gezegdes leven voort 😉

De rust die ik heb gevonden met een vereenvoudigd huishouden en het alleen houden van de voor mij belangrijke zaken, wegen niet op tegen die ene keer dat ik iets te enthousiast heb weggedaan ofzo.

Stop met het lezen van opruimtips

Er is geen Gouden Tip, anders dan het keer op keer verminderen van de hoeveelheid inventaris waar je voor moet zorgen. Je kan alle tips tot in detail toepassen maar bij elke tip is het natuurlijk een heel ander verhaal of je 20.000 of 200 dingen hebt om voor te zorgen.

Sommige mensen zijn van nature netjes en kunnen enorme hoeveelheden spullen hanteren. Ik niet. Ik zie al snel door de bomen het bos niet meer, heb geen geduld of zin om spullen in bakjes terug te stoppen of om voor spullen te zorgen. Ja, voor mijn favoriete dingen: ik repareer mijn sokken, de man naait een nieuwe zoom in mijn lievelingsjurk en ik olie de snijplank maar verder: neen.

En ‘inspiratie’ opdoen is leuk, ik lees ook graag boeken over minimalisme, simpel leven en zuinig doen maar uiteindelijk zal je toch zelf je verstand moeten gebruiken en meer ‘mindful’ moeten worden over de dingen die je in je leven (toe)laat.

Niemand kan beslissen wat genoeg is, of te veel, of te weinig voor JOU, of met wat voor dingen JIJ gelukkig bent. Want ja, ik denk wel dat waar we ons mee omringen, invloed heeft op ons geluksgevoel. Negatief, of positief. Aan ieder de keuze.

Dat ontaardde snel.

Waren we afgelopen woensdag toch met zijn negenen aan onze keukentafel. Het leek wel een mop. Een Zwitser, twee Nederlanders, drie Duitsers en drie Noren…. hadden een mooi gesprek over alles wat er momenteel gebeurt.

Met negen mensen! Ik kan me ernstig onverheugen op sociale interactie maar deze ontmoetingen geven me energie. We zaten rond de tafel en lachten en kletsten alsof we oude bekenden op verjaardag waren, inclusief grote lachsalvo’s, instemmend geknik en je-jaaaa akkurat det! en å nei er det sant en soms opeens een verdieping want onder alle gezelligheid maken we ons weldegelijk druk om wat er gebeurt en staat te gebeuren.

Iedereen die zich alleen voelt en onbegrepen in deze tijd kan ik van harte aanraden gelijkgestemden op te zoeken en zich aan te sluiten bij een groep. We zitten allemaal in hetzelfde schuitje, we hebben allemaal vaak al langer een andere kijk op de wereld en we zijn allemaal op zoek naar medestanders. Ook al denk je niets te kunnen inbrengen, dat kan je wel.

Ik merk dat mensen zich nog altijd verbazen over de incompetentie van hun regeringen. Het plan is ook niet, nooit geweest, om mensen weerbaarder te maken. Sterker nog, zelfstandig denkende, sterke, gezonde mensen met banden met hun familie en de grond waarop ze geplant zijn, zijn de nachtmerrie van elke regering. In Noorwegen werken een miljoen mensen, van de 5,5 miljoen die er hier wonen in overheidsdienst. Hoe meer mensen uitbesteden aan de staat, hoe beter. Voor de staat. Niet voor ons.

Vandaag hadden we een feestje van onze DL2 en haar vriendinnetje. In de gymzaal van school. Ik had cupcakes gebakken, de ouders van het vriendinnetje bestelden pizza die uiteindelijk gratis werd geleverd omdat de bestelling in de prullenbak was beland. De kinderen speelden aan de ringen, in de klimrekken, met yogaballen en met hoepels en hadden het leuk.

Voor de eerste keer in twee jaar gaf iemand me geen hand bij het voorstellen. Ik blijf stug mijn hand uitsteken. Dat was vreemd. ‘Ik houd me uit de buurt van mensen wegens besmettingsgevaar’ zei ze. Vervolgens vrat ze wel een stuk pizza waar net 19 meisjes en 4 volwassenen boven hadden geademd. Ja, met pizza in het oog is het minder makkelijk deugen. Ik snap dat. Mijn principes zijn ook niet in steen gehouwen maar ik voel me wel beter als ik mezelf wijsmaak dat ik goed bezig ben.

Prima hoor. Een keer eerder gebeurde het, bijna. Ik ontmoette de vrouw van ’s mans werkgever die iets met een elleboog naar me deed. ‘Hva var det?‘ vroeg ik en keek eens wazig. Nou ja ik geloof dat ik haar uitlachte. Ik weet het zeker. Gelukkig is de man de beste monteur van de werkgever.

Ik ben goed met eerste indrukken. Ik zie er altijd nogal sloom uit op foto’s maar ik heb het tegenovergestelde van een pokerface. ‘Nou, mensen weten ook precies wat je denkt zonder dat je wat zegt’ zei mijn moeder dan.

Jaja. Het is wat.

Afgelopen week waren de jongen en de kleinste allebei een dagje thuis. De jongen was moe van het covidgezeik van klasgenoten en kon mijn goed helpen met boodschappen doen en de kleinste snapte niet dat ze een test naar huis mee moest nemen die ze FOUT moest doen. Het wilde er niet in, zeker niet omdat ik zei dat we die testen gewoon wegflikkeren. Oh oh, gelukkig is er een ban op plastic rietjes, dat scheelt zo lekker in de afvalberg.

Vrijdag ging ik på tur en kwam gewoon minstens -nog niet alle sneeuw was uit de berm- zes van die gore mondverbandjes (zo heten ze in het Noors, dekt de lading wel) in de berm tegen. Maar ’t was nooit een teken van intelligentie, zo’n ding op je gezicht, is het wel?

Argh ik ben het zo beu allemaal. De maatregelen maar de instemming ermee nog veel meer. Het onvermogen om twee millimeter verder te kijken dan de neus of publieke omroep lang is. De gretigheid waarmee mensen straks hun kleine kinderen ook onder de bus duwen.

‘Mijn vaccin heet mRNA, dat kende ik niet, die term’ las ik pas op een blog waar ik zelden lees maar wat over de tong ging op het telegramgroepje. De schrijfster is onlangs ‘geboosterd’.

Hoe KAN je in vredesnaam roepen dat iedereen (inclusief je kleinkinderen) die troep moeten nemen voor hun gezondheid (!) terwijl je niet eens weet wat je laat inspuiten? Totaal, compleet, volkomen clueless!

Als je niet eens weet dat je ‘vaccin’ gebaseerd is op de mRNA-techniek en wat deze inhoudt? Dat deze injectie net zo veel te maken heeft met een traditioneel vaccin als de paashaas met een racefiets? De enige overeenkomst is dat ze met Pasen massaal tevoorschijn komen. Of middels een naald in je spieren worden gespoten. Maar dat is het.

Dat is het niveau van de stupiditeit waar we tegenover staan.

Zucht.

Excuseer me deze rant.

Ik, wij, zullen iedereen, hoe geboosterd en hoe voormalig fanatiek ook met open armen ontvangen ‘aan onze kant’. Omdat we geloven in vrijheid, in liefde, in vergiffenis, in dat iedereen het fout kan hebben. Ook wij. En dat hopen we ook. ’t Is alleen jammer dat we steeds gelijk krijgen. In creativiteit. In het samen redden. In de kracht die wij als mensen nog steeds hebben en zeker als we de handen samen ineen slaan.

Mensen maken ons voor alles en nogwat uit. Het begon hier met ‘nazimoeder’ (lol) en ‘gevaar voor de samenleving bijna twee jaar geleden. Het is nu bij ‘ziekteverspreiders die aan de openbare schandpaal moeten worden genageld’, ‘lopende bedreigingen voor de volksgezondheid’ en ‘eigenwijzen die heropening van Noorwegen tegenwerken door het vaccin te weigeren’ in de Noorse media.

Weet je wie er ook van werden beschuldigd nare ziektes te verspreiden?

Tja.

Leren we niets?

Nee.

Laten we ons onder druk zetten?

Nee.

Ik blijf mijn hand aanbieden als ik iemand ontmoet die ik nog niet ken. Mijn hulp aanbieden aan iedereen die daar wel of niet op zit te wachten. Ik blijf rondlopen met mijn ‘naakte gezicht’, zoals een blogster die ik voorheen van gezond verstand verdacht, het noemde al ben ik de enige. Ik hoop dat we volgende week niet meer met ons allen in de keuken passen en moeten verhuizen naar de woonkamer met onze Binders-møte.

Dit verhaal rammelt, dit regime is wanhopig en dat er iets niet klopt, begint bij heel veel mensen te dagen of bevestigd te worden. Sommigen worden nooit wakker. Mijn hoop is echter dat we binnenkort een kritieke hoeveelheid mensen hebben ‘aan onze kant’, openlijk ,waardoor we niet meer de gekkies, de wappies en de complotdenkers zijn maar een substantiële groep met leden uit alle lagen van de bevolking die gewoon gelijk heeft. Die het niet meer pikt. Die weer voor de eigen rechten, de eigen vrijheid opkomt. Want dat is ons grootste goed. Niet comfort. Niet ‘mogen consumeren’. Vrijheid.

Wat er daarna komt, ik weet het niet. Maar erger dan wat ‘men’ voor ons in het verschiet heeft, kan het nooit zijn.

Avondroutine en shitplanning.

Foto door Bich Tran op Pexels.com

De afgelopen tijd had ik het gevoel dat ik iets niet goed deed. ’s Avonds, na de koffie als de kinderen naar bed gingen, liep ik nog van alles te doen. Lunch maken voor de kinderen, zorgen dat de kinderen hun tanden poetsen, restanten van het avondeten opruimen, snel even de stofzuiger door de keuken… en vervolgens raffelde ik snel het op bed leggen van de jongste twee onder veel gemopper dat de dingen niet waren opgeruimd en demandmetspullenvoornaarboven nog half vol lag met meuk af en ging weer verder.

De reden? Ja, de kinderen 😀 Maar vooral?

Shitplanning.

Mijnerzijds.

(@planningshit is trouwens een vermakelijk twitter-account over debiele stadsindeling maar dat ter zijde)

Mijn ochtendroutine is altijd hetzelfde maar als dat gedaan is, ga ik koffie drinken, ik klets wat bij met deze en gene op telegram, schrijf een blog, lees een blog, ga naar buiten om te wandelen of boodschappen te doen, kom terug, eet lunch, de kinderen komen thuis -gemiddeld rond kwart over een- en fjgkjhdljdklgjervnbpffrrrrlllbtistalzolaat?

En het probleem begint bij ‘ga naar buiten’. Niet dat ik niet naar buiten wil, maar hierdoor loopt de rest van de dag dus niet altijd zoals ik zou willen.

Ik liet altijd de kinderen zelf hun kleding en spullen opruimen en dat gaat op zich best goed. Als ik het vraag hobbelen ze zonder morren naar boven, smijten hun spullen in de kast, smijten soms de spullen van broer of zus ook in hun kast, hebben geen zin om de laatste donkere artikelen aan de juiste eigenaar toe te wijzen en ’s avonds ben ik geïrriteerd dat er nog van alles ligt, laat dat soms ten koste gaan van voorlezen of even bij ze in bed praten en knuffelen en kom beneden met vaak nog het een en ander te doen.

Foute prioritering!

De kinderen kunnen van alles doen, en doen ook redelijk wat in het huishouden. Ze hebben een paar dagen geleden allemaal dik twee uur in de tuin geholpen met het schoonmaken van de dieren, de bestrating en al die andere dingen die er te doen waren. Ze dekken de tafel en ruimen die af, hangen vaak de was op, stoffen en stofzuigen hun eigen kamer op zondag… Maar het opbergen van kleding is niet hun ‘forte’.

Dus besloot ik om het opbergen van hun kleding, weer zelf te doen. En dat maakt alle verschil. Het is voor mij vijf minuten werk, hoogstens, maar het scheelt me ’s avonds een kwartier aan frustratie en het is ook gezelliger voor de kinderen.

Verder zorg ik dat het eten zo veel mogelijk is voorbereid, voor de kinderen thuis komen van school. Dat gaat dan ten koste van een deel van mijn tijd in de ochtend, maar daarentegen kunnen we wel met zijn allen om half vier de deur uit om die 40 minuten – uur (afhankelijk van hoe lang de man over de reis van werk naar huis doet) te gaan wandelen, met zijn vieren of vijven.

Ook maak ik een batch met sandwiches voor ze en leg die in de vriezer, zodat we alleen nog maar wat verse fruit en groenten hoeven toevoegen, in plaats van dat ik elke avond aan de slag moet voor de broodbakjes. De kinderen deden het zelf, maar die zijn er toch het liefst zo snel mogelijk van af en dat ging ten koste van het gezonde: twee boterhammen met kaas en een appel en ze vonden het wel goed.

Dus wat ik deed:

Foto door Tima Miroshnichenko op Pexels.com
  • ik ging zelf hun kleding weer opbergen
  • ik maakte sandwiches in batches
  • ik bereidde het avondeten helemaal voor

Soms sluipen bepaalde frustraties, onhandige gewoontes en blinde vlekken er gewoon in. Want ik heb op zich geen reden om me ’s avonds nog zo druk te moeten maken. Dan is even evalueren waar het mis gaat en wat ik eraan kan doen en ook daadwerkelijk dingen veranderen, de snelste en meest effectieve oplossing.

En dat maakte alle verschil. De avonden zijn nu rustiger, gezelliger en frustratievrij.

Ik kan gewoon weer lekker voorlezen of kletsen over bacteriën, het heelal en andere levensvragen die zo nodig moeten worden beantwoord om acht uur ’s avonds zonder dat ik loop te zaniken tegen ze of denk aan de dingen die ik nog gedaan moet krijgen.

Digitale Dystopie.

Nog zes maanden en we zitten in een digitale dystopie. Zegt Arno Wellens, een van de weinige mensen, journalisten, die de moeite neemt om meer te doen dan persberichten doorzetten. Het zijn de plannen van de EU en ik heb niet kunnen vinden hoe het in Noorwegen zit maar aangezien ze hier al jaren BankID kennen, wat je gebruikt om te loggen bij (bijvoorbeeld) de bank, de dokter en de factoringmaatschappij denk ik dat het achter de schermen een koud kunstje is om de dingen aan elkaar te koppelen. De mensen worden er goed voor warm gemaakt hoor, met hun verhalen over de ongevaccineerden die wel ACHTENDERTIG ziekenhuisbedden bezet houden in hele Norge.

Haha. Allemaal complotten. Net zoals de Gain of Function, Amerika, Big Pharma en Wuhan. Oeps! Kijk maar naar het acht-uur journaal en Jinek. Daar hoor je tenminste hoe het echt zit.

Gisteren zaten we met 9 man om onze keukentafel. Het was gezellig, het was interessant, het was een beetje constructief maar veel mensen zitten toch nog met vragen. ‘Waarom zeggen ze dan niet over gezonder leven? Waarom zijn ze niet eerlijk over getallen? Waarom zijn HCQ en Ivermectine verboden? Waarom bezuinigen en bezuinigen ze op de zorg?’.

Omdat. dat. de. bedoeling. is.

Niet dat mensen gezonder worden. Of beter. Of wijzer. Vooral dat laatste niet, want anders zaten we niet in deze ellende. Totale controle. Geen prik? Geen toegang tot je geld. Ja maar, ja maar. Niets te maren, niet vaccineren is misschien wel je eigen keuze maar dan moet je zelf ook de gevolgen dragen.

Pfoe! Het kan en het komt eraan, vrees ik.

We doen te weinig, we doen het te laat en de massa staat erbij en kijkt ernaar en vindt het prima zo lang ze op skivakantie kunnen (effe boosteren en dan naar de wintersport, joehoe!) en Netflix het blijft doen. De ondernemers worden kapot gemaakt, de kinderen gehersenspoeld, de rijksten nog veel rijkerder en dat HdJ 5.000.000.000 kwijt is, is het stemvee alweer vergeten. Gelukkig is dat het bedrag dat komend jaar op de zorg wordt bespaard.

Ik weet echt niet wat ik moet doen.

Ja, ik ga verder met preppen. (lol ik typte ‘prikken’ ipv preppen. NEEEEE! :D)
Ik probeer zo veel mogelijk mensen met elkaar te verbinden. Me in te denken wat ik doe ‘in het ergste geval’. Op zoek naar Dolle Kervel in de berm ofzo?

Zo min mogelijk nodig te hebben maar wat als ’s mans vaccinatiestatus straks aan zijn bankpas hangt? Kan ik wel vijftien liter slaolie in de kast hebben staan maar daar gaan we het ook niet mee redden he.

Enerzijds heb ik echt vertrouwen in de creativiteit van mensen maar anderzijds: vroeger waren mensen veel vindingrijker en vertrouwd met leven van het land en werden ze net zo goed afgeknepen van hun bestaansbronnen.

Oude oorlog, nieuwe wapens.

Google dient de mens, ik heb geen tijd om het te verhalen maar hiermee komen we een eind denk ik.

Onderstaande tekst werd doorgestuurd in een telegramgroep. Ik deel hem hierbij, want het is waardevolle informatie, waarbij ik echter nog steeds naarstig op zoek ben naar het antwoord op de vraag: ‘Hoe dan?’… Hoe kom ik wat verder dan goedbedoelde kippen, een bakje sla in de vensterbank en mijn kleding bij de tweedehands winkel kopen zo lang ik daar nog in mag?

Voor mensen die vragen durven te stellen

11 januari 2022

De zwarte aarde

Onze school ligt net ten zuiden van de stadsmuren van de oude stad Dali, het hoofdkwartier van de Bai-bevolking die toesloeg vestigden zich meer dan drieduizend jaar geleden rond het Erhaimeer. Dali is prachtig gelegen op tweeduizend meter hoogte hoogte, goed beschermd ten oosten van Erhai en ten westen van de meer dan vierduizend meter hoge bergketen Chang. Tussen de voet van de berg en de westelijke oever van Erhai vonden de Bai-mensen zwarte en voedzame grond in één gebied dat wordt gedomineerd door rode grond, en het is deze grond en het subtropische klimaat dat is het fundament van de drieduizend jaar oude cultuur van het Bai-volk.

Het gebied behoort tot het zuidoostelijke deel van de Himalaya en is door de geschiedenis heen moeilijk geweest beschikbaar. Een reis uit Kunming kan wel een maand duren. Dit veranderde toen de eerste berijdbare weg werd in 1937 geopend en tegenwoordig duurt het slechts twee uur met de lightrail van Dali naar Kunming.

Dali heeft door de geschiedenis heen veel ups en downs meegemaakt, van ’s werelds 12e grootste stad duizend jaar geleden tot perioden van bezetting, armoede en ellende. Maar Dali’s zwarte aarde heeft dat altijd was er en hielp de mensen door zelfs de ergste crises heen.

China heeft de afgelopen 40 jaar een avontuurlijke economische opleving doorgemaakt. De opleving kwam later echter voor Dali ongeveer 20 jaar geleden, met betere wegen en één rijkere bevolking, kwamen de toeristen. Eerst een paar, dan het explodeerde. Duizenden hotels en herbergen sprongen omhoog, huurprijzen vertienvoudigden en huizenprijzen, want dan zou iedereen naar Dali verhuizen, dus een stijging van 600% in tien jaar. Geld geld geld. Iedereen zou rijk worden en hier zou geen einde aan komen.

In 2016 gaf ik les aan een klas jonge volwassenen economische cyclussen en zei toen dat het er maar één was kwestie van tijd voordat de zeepbel zou barsten en dat de vastgoedprijzen zullen met 40% dalen, misschien zelfs meer. “Je kent China niet. De autoriteiten zullen NOOIT laat zoiets toe”, protesteerden de studenten.

Maar toen gebeurde het, eerst langzaam, ik kon de tekenen al zien in 2017, en toen kwam de implosie. Vandaag, bijna twee jaar later, zijn duizenden hotels en toerismegerelateerde bedrijven leeg, tienduizenden banen zijn verloren gegaan en vastgoedprijzen zijn met MEER dan 40% gedaald.

Maar de Zwarte Aarde is er nog steeds.

Nood leert naakte vrouw spinnen

China is geen verzorgingsstaat. Als je in China wilt eten, moet je doe er zelfs iets aan. In korte tijd is dus de hele lokale economie in Dali 180 graden gedraaid, nu met volle focus op lokale productie en consumptie, zoals Dali heeft overleefd in drieduizend jaar.

Lokale markten zijn in omvang geëxplodeerd en zijn met pensioen gegaan schoenmakers, kleermakers, naaisters, waarzeggers en tandenstokers hebben stof van vaardigheden en antiquair geborsteld uitrusting en doe mee met het plezier. Want ineens herinnert iedereen het zich hoe het vroeger was; de sfeer, de geuren, het lawaai, de chaos, de aantrekkingskracht en de energie. Op de markt ontmoet je iedereen, en veel minder geld wisselt vele malen van eigenaar en houdt de lokale economie, stemming en vertrouwen in de toekomst boven. Waarom zitten en staren naar een receptiemuur en wachten?

toeristen die niet komen, wanneer men kan innoveren, werken, produceren, verkopen, kopen en onafhankelijk zijn?

Dit is ongeorganiseerd, ongereguleerd, onbelast en vrij lokaal microkapitalisme op zijn meest effectieve manier.

de vrije man

De ervaring van Dali heeft me doen nadenken over wat mensenrechten en vrijheid eigenlijk zijn. Vergeet het mensenrechten en internationale verdragen zoals de Code van Neurenberg. Het is iets wat we allemaal doen meest gracieus toegewezen en zoals we nu ervaren worden genomen met een streek van de pen. Rechten zijn het niet waard het papier waarop ze zijn geschreven in de handen van corrupte, op macht beluste bureaucraten en politici.

De sleutel tot vrijheid is onafhankelijkheid. Bent u afhankelijk van organisaties, instellingen, bedrijven en machtsbases heb je zelf geen controle, dan ben je nooit vrij. Men is onvrij, en de afstand tot slavernij is nooit groter dan de eerlijkheid van degene van wie je afhankelijk bent. Controle is gelijk belangrijk. Als je geen controle hebt, bezit je ook niet.

Als u uw spaargeld op de bank heeft staan, heeft u er geen controle over en u bezit ze ook niet. Ben je dan afhankelijk van de fiat-valuta van de centrale banken? je bent niet onafhankelijk, je bent niet vrij, je hebt geen controle en je bezit noch. Als je afhankelijk bent van de staat, dan ben je niet onafhankelijk, vrij, en de staat, de zogenaamde ‘gemeenschap’, kan je gemakkelijk in een slaaf veranderen.

Vrijheid is onafhankelijkheid en onafhankelijkheid is verantwoordelijkheid; persoonlijke verantwoordelijkheid voor alle aspecten van zijn eigen leven. Zullen jij en je familie eten en overleven, dan is het jouw verantwoordelijkheid, niemand anders. Vrijheid IS verantwoordelijkheid.

Dus vraag jezelf af, van hoeveel ben je afhankelijk voor jou en je gezin? kunnen eten, kleden, schoenen aandoen, werken, produceren, verdienen en betalen voor items die je nodig hebt met geld dat alleen jij beheert? Hoe zit het met jouw gezondheid. Wie heeft de regie en verantwoordelijkheid? Uzelf of Big Pharma en FHI? (het Noorse RIVM)

Voor mensen die vragen durven te stellen

We zijn in oorlog

Mr. Global heeft de oorlog verklaard en wij, de mensheid, zijn de vijand. Dit is een verschillend oorlog, een oorlog die zo verschilt van alle andere oorlogen dat wij, de vijand, ons nog niet hebben gerealiseerd dat we in werkelijkheid vindt ons in een oorlog op leven en dood.

Het doel van de aanvaller is echter hetzelfde als altijd; vecht, verminder en controleer de vijand en onderwerp niet alleen alles wat de vijand bezit, maar absoluut al het andere dat op deze planeet bestaat.

De vijand zal indien mogelijk met 7,5 miljard worden verminderd, 13 van de 14 zullen verdwijnen, en degenen die dat mogen live, wordt gedowngraded naar programmeerbare en bestuurbare klonen.

Mr. Global heeft al verschillende dodelijke aanvallen op ons uitgevoerd; twee biologische en verschillende psychologisch en economisch. Er zullen nog veel meer aanvallen volgen, omdat het arsenaal van Mr. Global vergelijkbaar is groot als het niveau van ambitie en de mate van grimmige kwelling waanzin.

Als Mr. Global deze oorlog wint, betekent dat ‘tot ziens man’. Maar het gaat niet gebeuren, omdat psychopathie in welke vorm dan ook van nature is geprogrammeerd voor zelfvernietiging, maar nooit zonder enorme schade en lijden veroorzaken.

Het zal deze keer opnieuw gebeuren, maar niet zonder een mensheid die bereid is te vechten. En dat is wij, we zijn altijd bereid om te vechten voor het bestaan ​​van onze eigen en toekomstige generaties, maar we kunnen vecht niet tegen een vijand waaraan we onszelf verslaafd hebben gemaakt. Het is gewoon onmogelijk.

Het belangrijkste wapen van Global is onze afhankelijkheid van alles wat ze bezitten en controleren; voedsel, energie, het monetaire systeem, gezondheidszorg en medicijnen, de productie van schoenen, kleding en nog veel meer dat we nodig hebben, transport, communicatie, technologie, internet, de massamedia, het nieuwsbeeld en in toenemende mate onze kennis, gedachten en gevoelens.

Het pad naar overwinning en vrijheid is het pad van afhankelijkheid naar onafhankelijkheid op alle niveaus van het individu huishouden, buurt en district tot gemeente, provincie en land. In die volgorde. Kijk en leer van Bae mensen. Voedsel, misschien wel het meest wrede wapen van allemaal, een wapen dat binnenkort kan worden gebruikt tegen je kunt niet langer tegen de Bai-minderheid worden gebruikt.

“Tot ziens mens”

Ik ben net begonnen met het lezen van het boek “Farewell Man” van Hans Eirik Olav.

Het boek behandelt alles wat ik de afgelopen jaren heb geschreven, alleen veel meer, dieper, breder en… beter. Er zijn vele jaren van studie en werk achter dit belangrijke en eigentijdse boek, dat zal voorzien in:

iedereen leest een solide historisch platform om huidige en aankomende gebeurtenissen te observeren. Ik wil Hans Eirik Olav hartelijk bedanken voor zijn werk en voor het delen van zijn uitgebreide kennis en gereflecteerde observaties met iedereen die hun wil vergroten. Koop het, lees het en leer dan bereid je goed voor en begin direct aan de weg naar zelfstandigheid en vrijheid. U heb geen enkele dag te verliezen.

Vrede

alechao@protonmail.com

Declutter kindergarderobes in actie.

De kinderen ruimden hun eigen kleding op en dat werkte niet helemaal naar behoren, dus ik besloot maar weer eens orde op zaken te stellen daar en het zelf te doen, ter voorkoming van verdere wederzijdse frustratie.

En natuurlijk besloot ik ook gelijk even de bezem door de garderobes heen te halen want ze groeien en groeien en dat is goed, maar het zorgt ook voor een bijna niet aflatende stroom met oud textiel.

Ik vind het nu lastiger om dingen weg te doen dan ooit. Ja, veiligheid zit niet in een zak met oude kleding en de toekomst is ongewis maar hoe lang kunnen we nog tralalala naar de winkel huppelen of klikken en direct krijgen wat we willen voor een prijs die ongekend is eigenlijk?

Maar goed, als het niet gedragen wordt, als het te klein is, als het er niet meer uitziet, als het verwassen is… wat moeten we er dan nog mee? Precies. Tijd voor evaluatie en vooral: declutteren en verder alleen de dingen bewaren waarvan ik redelijkerwijs kan aannemen dat ze het ook echt gaan gebruiken.

Ik begon bij de kledingkast van de jongste. Die is lekker makkelijk. Wat ze heeft, draagt ze ook voor 90% maar in d’r bak met sokken lagen redelijk wat eenzame exemplaren, er waren kleren terug gestopt die gewassen moesten worden en een shirtje was echt te klein.

Door naar de volgende. Die heeft altijd briljante ideeën over wat ze wil, maar draagt het vervolgens niet altijd. De ‘snekkerbukse’, de feestjurk en het rokje dat ze toen met alle geweld wilde, liggen al maanden werkeloos in de kast. Er konden wat zaken doorgeschoven naar de jongste (die graag een nieuwe feestjurk wilde) en naar de kringloop.

De garderobe van de jongen is makkelijk: ik heb zijn sokken die een voor een gaten krijgen vervangen door nieuwe, die ik nog op voorraad had. Allemaal hetzelfde, dus geen sokkenmemory. Als ik ergens een hekel aan heb…. O.o Hij had een aantal te korte trainingbroeken maar ik had onlangs nieuwe, passende gekocht voor hem dus dat was een kwestie van in de zak door de gjenbruk.

De oudste… die heeft vreselijke besluiteloosheid, gecombineerd met hoarder-neigingen, haha. Wil alles bewaren en alles ophangen in d’r kamer terwijl ze d’r kamer wil in een naturelkleurige ‘boho’-stijl, bijvoorbeeld.

Ziet overal nog wel mogelijkheden in maar draagt puntje bij paaltje elke dag dezelfde wijde, wijd uitlopende spijkerbroek en hetzelfde model trui. Zoals alle Noorse meisjes.

Er is niets mis met dat, maar ik moet haar niet volledig de vrije hand geven anders doet ze hetzelfde als ik vroeger deed: kopen wat ze leuk vindt zonder plan en vervolgens altijd bij dezelfde paar items uitkomen. Er is best ruimte voor een keer iets anders, maar de bloemetjesjurken die ze van de zomer zo prachtig vond, hebben het daglicht misschien een of twee keer gezien.

Op het hoogtepunt zag de gang er zo uit en elke keer bedenk ik: we moeten echt eens een keer investeren in een lamp aan het dak daar!

Uiteindelijk had een grote berg met sokken, een flinke zak met kringloopspullen, een mand vol kledinghangers, wat afval en een wasmand vol over.

De garderobe van de jongen
De garderobe van de oudste….
De garderobe van de derde….
En van de jongste.

Ik vond in het laatste keukenkastje -dat ik uit de bijkeuken sloopte vandaag- een plank die precies in haar kast paste dus nu ligt het netjes allemaal bij elkaar 🙂 Toch fijn dat ik nog iets ervan kon gebruiken.

Ik had nog sokken op voorraad, dus ik heb alle paren die begonnen na te laten vervangen door verse, nieuwe, dezelfde sokken. Weer een bak met spul de deur uit. Ze hebben nu twee soorten sokken per persoon; wol en katoen. En van elk type alleen maar dezelfde. Een emotioneel moment.

Wat je moet houden kan alleen jijzelf bepalen. Misgrijpen is vervelend, dus ik zou met jonge kinderen zeker niet op het randje van wat genoeg is gaan zitten.

Het ligt zo aan je kinderen: spelen ze het liefste buiten in de modder of zitten ze liever aan tafel met lego? Hoe is het weer? Hier hebben we van -10 en sneeuw tot je knieën in de winter tot +27 in de zomer die echter maar een maandje duurt en op elk type weer moeten we ons kunnen kleden. We hebben zeer minimale zomergarderobes, maar flinke wintergarderobes met wat wollen ondergoed voor de echt koude dagen.
Hoeveel kinderen heb je, dus hoe vaak doe je de was? Hier ligt kleding hoogstens een dag of drie in de wasmand maar met 1 of 2 kinderen was je misschien minder vaak en heb je iet meer nodig. Of je kan er een gewoonte van maken om elke een of twee dagen een snelle was te doen, ook al zit je machine nog niet helemaal vol.

En: twee truien is in principe genoeg. Maar omdat we heel het jaar truien dragen (zelfs in juli is het doorgaans als de zon onder is zo koud dat we naar truien en lange broeken grijpen) is het wel fijn om wat afwisseling te hebben.

Het is gewoon een kwestie van experimenteren met wat werkt.

In elk geval ben ik ‘moe’ maar voldaan. Ik begon met de garderobes, maakte bier, sloopte een kastje, ruimde heel veel gereedschap op, stofzuigde het huis en zette het eten klaar.