Spijt van dingen die weg zijn gegaan?

Mensen vragen me wel eens of ik geen spijt heb van de dingen die ik weg heb gedaan. En ik probeer soms een voorbeeld te vinden van iets waarvan ik achteraf dacht: beter niet, maar kom dan tot de conclusie dat dat zelden het geval was.

Ik herinner me een paar hoge zwarte veterlaarzen, waarvan ik de rits gewoon had kunnen laten maken, vermoedelijk. Dat is echter al 16 jaar geleden.

Heb ik wel eens iets ‘teruggekocht’? Ja. Een tipitent bijvoorbeeld. We kochten die 12 jaar geleden. Een enorm ding, zwaar katoen dus amper te tillen en droog te krijgen in een regenachtige periode… We hebben er veel aan gehad toen we tijdelijk dakloos waren toen ons huis hadden verkocht en naar Noorwegen vertrokken maar eenmaal hier hebben we hem niet meer gebruikt en na vier of vijf jaar, verkocht ik hem.
Later wilden de kinderen heel graag de tipitent terug. Voor 100 euro kocht ik een mooi gebruikt ‘plastic’ exemplaar, waar ook een houtkachel in kan, die mijn oudste twee kinderen zelf kunnen dragen en in drie minuten opzetten, die in een vloek en een zucht droog is en die een kwart van de plek van de Tentipi-tent inneemt.

Een keukenmachine. Ik gebruikte hem vooral om deeg te kneden maar hij werd steeds gammeler. Wellicht had hij nog gemaakt kunnen worden maar ik heb hem destijds naar de kringloop gebracht, met de melding erbij wat er aan de hand mee was. Een paar maanden geleden kocht ik een KitchenAid, wat ik vermoedelijk toch wel gedaan had, ook als ik de oude nog gehad had.

Soms denk ik wel eens aan iets dat ik heb weggedaan, als ik het me in een zeldzaam geval nog herinner maar missen: nee.

Maar stel dat je nu wel dingen mist? En misschien is dat de reden dat ik nooit dingen mis, of spijt heb.

Is het het waard?

Allereerst: Moet je je bezittingen minimaliseren of op zijn minst ontrommelen laten omdat je een paar dingetjes ‘mist’? Is het belangrijker deze dingetjes te houden, dan de rust en kalmte van een opgeruimd huis? Heb je liever een huis met schotten waar spullen van vele decennia achter lurken? Wil je liever een onbegaanbare zolder met dingen die je erfde en bewaarde voor ‘ooit’, waarvan je geen idee hebt wat je ermee moet? Uitpuilende keukenkastjes, overstromende trapkasten en in paniek raken van onverwachts bezoek, want altijd een rommel? Tegen nooit eens klaar zijn met opruimen?

Ik denk van niet. Ja, je maakt een keer een verkeerde beslissing. Het was echter niet de eerste en vermoedelijk is het ook niet de laatste, tenzij dit je laatste dag is in het land der levenden.

Denk niet aan het ding maar aan het gevoel waarmee je het wegdeed.

Onthoud met welk gevoel of doel je de dingen hebt weggegeven. Ik heb mijn trouwjurk weggeven aan de basisschool van mijn kinderen. Ik gaf hem weg omdat ik de man nog heb, de jurk veel plek in nam, omdat het eigenlijk niet mijn eigen keuze was maar ook voor een groot deel omdat mijn moeder hem zo leuk vond en omdat mijn ouders met degene van wie ik hem kreeg, gebroken hebben wegens onvergeeflijke rotstreken.
Ik kan dan gaan denken aan hoe leuk het zou zijn als mijn dochters die jurk weer hadden kunnen gebruiken en me druk maken over het feit dat ik hem niet meer heb maar het gevoel waarmee ik hem wegdeed, prevaleert.

Accepteer het

Als in: het is weg, jammer dan. Ga gewoon verder met leuke dingen doen in plaats van in het verleden te leven. Totaal nutteloos, tenzij je het verleden ziet als iets om lering uit te trekken maar dat is iets dat velen dan weer verzuimen 😉

Zie het als een wijze les

Spijt dat je iets weg hebt gedaan? Net zoals het doen van miskopen is het niet iets waar je jezelf voor je kop voor moet slaan maar zie het als een aanwijzing. Bij een miskoop leert het je wat je niet moet kopen of wanneer je niet moet winkelen of door wie je je niet iets moet laten aansmeren en bij iets dat je weg hebt gedaan, leert het je wat je in het vervolg niet lichtzinnig moet wegdoen.

Koop het opnieuw

Een kabeltje, snijplankje of blikopener te veel gedeclutterd? Gelukkig is daar De Winkel, alwaar je een nieuw exemplaar kan aanschaffen. Superduperhandig!

Wees eerlijk over wat het was

We denken van onze eigen meuk altijd dat het meer waard is, dan het eigenlijk is. Is wetenschappelijk aangetoond met lelijke koffiemokken ofzo. Mensen die de koffiemok hadden gekregen in plaats van geleend, schatten de waarde veel hoger in. Opmerkelijk….

Maar: was het echt zo mooi? Was het echt zo leuk? Had je het echt zo nodig? En zo ja, waarom deed je het dan weg? Er was vast een goede reden voor en achteraf kunnen de dingen leuker lijken dan ze echt waren.

Het is maar een ding. Ook als het van je oma is geweest, als je het op vakantie hebt gekocht, als het nu eigenlijk zo leuk had gestaan bij dat nieuwe rokje enzovoort. Het is niet het einde van de wereld, we hebben bijna allemaal meer dan noodzakelijk. Wees tevreden met wat je nog wel hebt. Makkelijk 🙂

Onthoud het genot van niet bezitten

Niet bezitten is niet hoeven verzekeren, niet hoeven op te slaan, niet hoeven te organiseren, niet hoeven te vervangen, niet hoeven te voorzien van meer spullen zoals onderhoudstoebehoren of plastic opbergdozen of matchende schoenen, niet hoeven achterlaten in een erfenis, niet hoeven wassen, niet hoeven besluiten wel of niet houden, niet….

Het is fijn om lichter door het leven te gaan, belast met minder meuk en minder om je druk om te maken.

Vind iets anders dat het werk ook doet

Ik merk dat naarmate we minder hebben, ik creatiever ben met wat we wel hebben. Snel even naar de winkel kan wel maar doe ik zelden, want 16 km voor een klein dingetje op en neer rijden is idiotie. En dat is dan nog maar voor het beperkte aanbod van lokale winkels, iets specifiekers ligt gauw 25 km hier vandaan.

Dus. We lenen soms iets, gebruiken iets dat we al hebben, improviseren, maken het zelf etc. Of doen gewoon zonder.

Veiligheid en rijkdom zitten niet in de overbodige spullen waarmee we ons omringen.

Ik snap het idee van een beetje extra ‘voor het geval dat’. Ik heb nu ook een grotere voorraad dan 1,5 jaar geleden en heb wat kinderkleding op de groei, alsmede wat handige dingen waarmee we ons in geval van nood kunnen redden. Nood als in: een paar weken of maanden zonder stroom, geld of verse aanvoer van levensmiddelen.

Maar gaan we dan geholpen zijn met een extra slakom, oma’s oude schommelstoel of onze oude ansichtkaarten? Welnee. We zien dan nog meer wat echt belangrijk is en dat zijn toch de basisbehoeften van bescherming, eten en drinken, warmte en liefde.

Dus… gewoon jezelf niet al te druk maken, schouders ophalen en een welgemeend ‘oh nou ja dan’ werkt in mijn geval het allerbeste.