Voorbereid zijn

Foto door Sami Anas op Pexels.com

Wat me de afgelopen maanden (onder meer) heeft verbaasd, is dat veel mensen absoluut, volkomen onvoorbereid zijn op welk onheil dan ook. Alsof de wereld waarin we leven, niet kapot kan gaan. Alsof niet tegelijkertijd de fundamenten waarop onze samenleving is gebouwd, wordt afgebroken.

Als je je een beetje voorbereidt, ben je paranoïde, negatief, een onheilsbode, een complotdenker, een overheidswantrouwer en meer. De Noorse overheid raadt mensen met klem aan om voor minimaal drie dagen eten, brandstof, water en medicijnen in huis te hebben. De run op afbakbrood en toiletpapier vorig jaar toonde ook mooi aan hoe simpel veel mensen zijn. Ik zou mijn karretje vol gooien met noten, vis in blik, olijfolie, peulvruchten en rijst en gewoon de washandjes een extra keertje wassen in plaats van met als het erop aankomt vrij nutteloos en zelfs feitelijk overbodig ‘pleepapier’.

Ik denk absoluut niet dat ik me overal tegen in kan dekken met een voorraadje, ik ben net zo goed afhankelijk van kledingmakers in verre landen, dingen die anderen aan de kringloopwinkel hebben gedoneerd en de globale voedselvoorziening maar zo hulpeloos dat er niets anders rest dan de kop in het zand steken zijn we ook weer niet.

Het geeft mij een goed gevoel om op een positieve manier bezig te zijn met me voorbereiden op een mogelijke gebeurtenis waarbij niet alles meer vanzelfsprekend is. Sinds de bankencrisis, toen pijnlijk duidelijk werd hoe kwetsbaar onze systemen waren, heb ik altijd een redelijke voorraad gehad.

We hebben ons telegramgroepje, waarin we dingen delen over ‘huiselijk preppen’ Preppen, of simpelweg: voorbereid zijn, wordt vaak geassocieerd met doomsday-mafkezen met schuilkelders en blikken spaghetti om het tot 2045 uit te houden onder de grond. Het is het clichébeeld; iedereen die zelf denkt en niet blind vertrouwt op de overheid en hun verlengstuk, de massamedia, wordt afgeschilderd als een gekkie.

Wat ik doe om niet compleet aan de goden overgeleverd te zijn is het volgende:

  • Ik heb andere manieren om te betalen dan alleen mijn pinpas.
  • De auto is altijd voor minstens driekwart vol benzine.
  • We hebben een waterput en waterfilter (van Katadyn, voor 30.000 liter)
  • We kunnen stoken en koken op hout met de bålpanne, houtkachel en de firebox.
  • Ik heb een flinke voorraad houdbaar eten. Met keihard stijgende voedselprijzen sowieso verstandig. Ik koop wat we eten en we eten wat op voorraad is, aangevuld met verse dingen.
  • Ik heb kaarsen, lucifers en olielampen met olie en lont.
  • Ik heb een redelijke huisapotheek. Pijnstillers, etherische olie, emla-zalf, anti-wormmiddelen, siroop en meer. En: huismiddelen werken vaak net zo goed als wat je bij de apotheek koopt maar dan zonder de bijwerkingen.
  • We houden ons gezond door weinig rotzooi te eten en veel te wandelen, bewegen, in de buitenlucht te zijn en op tijd te gaan slapen.
  • De man kan ‘alles’ repareren. Dingen kunnen, anders dan nuttig zijn voor je baas, is altijd handig. Als ruilmiddel of gewoon voor jezelf.
  • Ik kan ook dingen 😀 Brood bakken, dingen fermenteren, beetje tuinieren, eetbare planten herkennen, mijn eigen siroop, zalf, olie en tinctuur maken…
  • Ik kan redelijk goed zonder luxe, mijn leven stort niet in zonder droger of vaatwasser. Zonder wasmachine wel een beetje, maar vooruit.
  • Ik probeer mezelf weerbaarder te maken tegen trek en kou door in half bevroren zeewater te badderen, koud te douchen en alleen te eten tussen pakweg 11-12 en 18 uur en overdag ook in de winter vaak zonder kachel te doen overdag.
  • De spullen die we kopen, zijn veelal gemaakt om langere tijd mee te gaan. Schoenen, jassen, bijlen, messen, sokken…. Fijn als alles niet om het half jaar vervangen hoeft te worden.
  • Ik zorg dat ik voor informatie niet volledig afhankelijk ben van internet.
  • We hebben kinderboeken en naslagwerken en wat fictie. En ik heb papier en inkt, genoeg 🙂
  • Ik heb een zonnelader met een USB-dinges maar de ene auto is een halve batterij (hybride) en ook prima geschikt om dingen mee op te laden.
  • Ik heb geen smartphone die me een afhankelijke zombie maakt. Het aantal mensen dat letterlijk in paniek is zonder wifi of smart(haha)phone, is angstaanjagend.

Verder probeer ik me redelijk afzijdig te houden van de maatschappij (dat is niet mij). Afgezien van het feit dat ik mijn familie al 1,5 jaar niet heb gezien, heb ik geen last van welke maatregelen dan ook omdat ik toch niet houd van reizen, andere mensen bezoeken, winkelen of uit eten gaan. Ik trek mijn eigen plan en leef zo veel mogelijk mijn eigen leven, negeer de mainstream media en laat me niet chanteren tot het opzetten van kontmapjes, het nemen van experimentele gentherapie of het ontsmetten van mijn handen terwijl ik niet vies, ziek of kwetsbaar ben.

Dan maar ‘outcast’ hoewel die spuit hier niet zo’n ‘issue’ is als in Nederland en men er ook niet zo massaal om staat te springen.

Ik vind genoeg blijheid en geluk in mijn eigen leven. In wandelingen met mijn kinderen, rustige gezellige kaarsverlichte avonden met de man, zwemmen in zee, in de dieren die ik om het huis zie, in mooie luchten, dingen zelf maken en zelf doen en zelfs in stukjes typen.

Preppen is voor mij gewoon vooral het leven op mijn eigen voorwaarden. Ik heb een aantal dingen voor nood, wat gewoon gezond verstand is. Ik heb plezier in het leven en de dingen die ik doe.

Ik leef niet in angst voor dingen die kunnen gebeuren maar ben evenmin zo naïef om op de overheid te vertrouwen want die is er echt al lang niet meer voor ons. Als je dat beseft, is je eerste stap naar een vrijer leven gezet 😉