En wat als je dan dingen wil?

Foto door Maria Orlova op Pexels.com

Laat ik eerst zeggen dat ik absoluut niet perfect ben in het niet kopen van dingen die ik niet echt nodig heb. Ik heb enorme bewondering voor mensen, of ze nu ‘shopaholics’ waren of al jaren minimalistisch leven, die een jaar lang niets extra’s kopen. Niets kopen is makkelijker als je meer dan genoeg op voorraad hebt, maar wellicht ook moeilijker omdat de omslag veel groter is dan wanneer je al gewend hebt nagenoeg alleen te kopen wat je nodig hebt.

Toch, ik heb ook wel eens zin om meer te kopen dan nodig. Er zijn enorm veel dingen die ik leuk vind. Te veel eigenlijk, ik kan nooit kiezen. Cottagetuinen, indiase kussens, enorme boekenkasten (met trapje!), hemelbedden, bloemetjesservies, Noorse hytte-stijl balkons… Het zou Villa Kakelbont in het kwadraat worden, ware het niet dat ik dan ook constant dingen zou veranderen, dingen zou willen en altijd op zoek zou zijn naar meer.

Dat is niet handig, dus besloot ik maar gewoon helemaal niets te willen. Nou ja, bijna niets. Naar westerse maatstaven.

Wat me dus niet altijd lukt want soms popt er opeens iets op in mijn hoofd waarvan ik denk: ‘waarom niet eigenlijk?!’.

*REM!!!*

Waarom eigenlijk? Heb ik het nodig? Waar komt de noodzaak tot het plotseling willen acquireren van materiële zaken vandaan? Meestal niet uit mijzelf. Meestal uit een boek, een youtubefilmpje, een plaatje… Een idee, van hoe het heurt. De behoefte aan een ‘verzetje’.

Het is belangrijk dit voor mezelf te weten, want zelden is de drang tot iets willen aanschaffen er een die voorkomt uit een noodzaak.

Meestal kan het het dan wel laten zitten. Zo niet, dan moet ik bij mezelf te rade gaan.

Heb ik echt zin om x artikel te kopen, om de verpakkingen op te ruimen, om het minstens een paar maal per week te gebruiken, om het te onderhouden, op te slaan en aan het einde van het ding zijn leven of als ik het zat ben, weer weg te doen? Naar de kringloop, vuilnisbak, doorgeven….? Is het het geld waard? Wat met ‘het milieu’? Is mijn aandrang tot het doen van de aankoop het waard om het te produceren, verpakken, vervoeren etc?

Ja, het is natuurlijk al gemaakt maar door het af te nemen zeg ik: ‘maak er meer!’

Het scheelt dat er hier vaak minstens 3 – 4 dagen zitten tussen iets online bestellen en het geleverd krijgen, vaak langer. En dat er tussen mij en de wat uitgebreidere fysieke winkels 23 kilometer afstand zit. Dat invoerkosten van alles buiten Noorwegen niet mals zijn, is ook een grote belemmerende, of juist behulpzame factor.

Als het nog niet verdwenen is, dan denk ik aan die voorgaande keren waarop ik iets wilde en wat er uiteindelijk met de spulletjes is gebeurd. Alles dat ik kocht in een opwelling, dus zonder dringende reden, verdwijnt uiteindelijk weer uit mijn huis. Na een paar weken, maanden of een jaar….

De dingen die ik echt, echt lang wilde, die blijven. Ik investeerde in een echt mooie koffietafel en daar ben ik nog steeds echt blij mee. Ik kon hem omdat ik wachtte (en wachtte) kopen met 45% korting, nu is ie weer 430 euro. De twee dingen die ik aan de muur heb hangen, zou ik ook naar ons tiny house verhuizen, als we een tiny house zouden betrekken, dan. De bålpanne (een grote ondiepe pan om vuur in te stoken en op te grillen, hangend aan een driepoot) wilden we al toen we hier net woonden. Ik ben elk jaar blij als de wollen deken van Spinnerigården weer op bed kan zo in augustus…. En al die andere dingen…. die zijn al lang weer vergeten.

Ik vraag mezelf af: wil ik de rust in mijn hoofd, of de rush van een nieuwe aankoop? Wil ik een minimalistisch huis, of wil ik spullen onderhouden? Wil ik geld op mijn bankrekening, of geld in nieuwe spullen steken die zodra ik ze afreken al 75% in waarde zijn gedaald? Ben ik meer of minder ‘mij’ met dit ding in mijn leven? Wil ik kalmte voelen in huis, of de noodzaak om dingen te poetsen, verschuiven, declutteren…? Helpt dit ding me te leven zoals ik wil?

En als ik het dan nog steeds wil, kan ik het op een andere manier verkrijgen? Ik wilde bijvoorbeeld bloeiende planten om het kippenhok, dus ik dacht aan hortensia’s maar die kosten hier enorm veel. Later bedacht ik dat de man met hout dat we nog hebben liggen, plantenbakken kan timmeren die ik kan vullen met heide die hier overal groeit. Ik kan de hortensia’s van de buren stekken. Ik kan overal planten vinden die ik kan stekken. Vrouwenmantel en kamperfoelie groeien hier overal in het wild en zijn enorm makkelijk te overwennen. Ik kan eind oktober bloembollen kopen met 70% korting voor de vrolijke noot in het vroege voorjaar.

Uiteindelijk, elk nieuw ding wordt vroeg of laat maar meestal vroeg, gewoon het zoveelste, nutteloze ding en hoe meer dingen we toevoegen, hoe minder ze toevoegen.

Prikkels in de vorm van advertenties vermijden. Me bewust zijn van de impact van mijn geconsumeer. Wachten tot het overgaat, wat het nagenoeg altijd doet. Nadenken over wat er in het verleden gebeurde met overbodige aankopen. Herinneren wat een vrijheid het niet hebben van spullen met zich meebrengt. Tevreden zijn met wat ik al wel heb en wat precies genoeg is voor hoe ik wil leven. Wat minimalistische inspiratie opdoen van mensen die je niets proberen te verkopen.

En dan nu, een blokje om.

Fijne dag allemaal!

Dingen die ik niet meer koop.

Dingen niet nodig hebben is fijn. Er is zo veel dat ik niet (meer) koop en ik heb geloof ik wel eens een overzicht gemaakt met van wat dingen maar och… het is leuk om te lezen bij anderen en om te schrijven. In de loop der tijd is er zo veel overbodig gebleken en soms kostte het me een paar jaar om er vanaf te komen en soms deed ik iets weg om het later opnieuw te kopen (foundation, nagellak) maar uiteindelijk besefte ik dat in de meeste gevallen het leven simpeler, makkelijker en aangenamer was zonder.

Dus, wat ik niet meer koop. Als minimalist, enzo.

Nagellak. Dat is dus iets dat me moeite kostte. Ik weet het, niemand geeft een zier om wat ik op mijn nagels smeer maar het duurde even voordat ik dat zelf ook niet meer deed. Mooie lichtroze, of juist stikruige zwarte of donkerpaarse lak, het is wel net de finishing touch. Tot er een stukje afgaat na een dag of twee en de boel weer eraf of opnieuw moet… Ik laat mijn nagels nu al een hele tijd voor wat te zijn, ik houd ze netjes en dat is het.

Parfum. Vroeger vond ik het heerlijk. Rode Poison van Dior was mijn favoriet. Daarna heb ik nog een tijd Always Red van Elizabeth Arden gedragen. Tot ik dat niet meer deed. De nadelen van parfum wegen toch wel zwaarder dan de voordelen. Hormoonverstorend, slecht voor het milieu etc. Jammer, maar helaas. Soms smeer ik een beetje lavendelolie, gemengd met amandelolie maar ik heb geen behoefte meer aan parfum.

CD’s. We hebben nog wel een cd-speler maar cd’s kopen we heel zelden. Meestal gebruiken we de bluetooth speaker en spotify, hoe veel beter een cd op een goede speler en fijne versterkers ook klinkt. Helaas mogen de cd’s ook echt niet weg, hoewel we al een keer bijna de helft hebben ontrommeld wegens ‘draaien we toch nooit meer’.

Toegangskaartjes. We hadden eens abonnementen op de dierentuin en badeland maar ik kan er niet meer tegen, al die beestjes in hokken. Het was leuk voor de kinderen maar die vinden nu ook dat het zielig is en dat we de dieren beter vrij kunnen laten 😉 Vinden ze leuk in Kristiansand, krokodillen in de Otra. Er is een uil, die zit daar maar. Te zitten. Mijn hart breekt ervan. Verder is hier alles of idioot duur, of gesloten, of veel te druk. Als we iets leuks willen doen nemen we wel een paar houtblokken mee en gaan we worstjes roosteren in het bos.

Tampons. Want wasbare tampons en ja dat is een ding en ja, die functioneren ook in het geval van bloedbaden. Ze zijn van imse vimse  en het is een fijn idee dat ik nooit zonder zal komen te zitten en ze nooit meer hoef te kopen.

Foundation. Het is mooi hoor, een effen laagje over mijn gezicht. Vlekjes weg, alles egal maar mijn huid is licht en misschien verander ik daarom geregeld van kleur maar een foundation die past bij mijn huidskleur heb ik een maand ofzo. Een keer in de felle zon en het is niet meer dezelfde kleur. En als mijn gezicht een andere kleur heeft dan de rest van mijn lijf, is dat ook geen gezicht. Letterlijk. Dus, ook dat is overboord.

Wasverzachter. Chemische rommel, chemische lucht. Als je het niet gewend bent, is het zo vreselijk sterk. Ik ruik vaak kinderen die hier geweest zijn en wiens moeder nogal een enthousiast gebruikster is (of vader, als we modern en geëmancipeerd enzo willen zijn), een half uur na hun vertrek nog steeds. Het is letterlijk nergens goed voor.

Douchegel. Want zeep. Scheerschuim. Want zeep.

Mobiele data. Voor 39 nok per maand kan ik anderhalf uur in de telefoon praten met iemand in Noorwegen en daar kom ik echt nooit aan dus dat is meer dan genoeg.

Apps. Want smartphone is in onbruik, ik heb geen tablet en je schijnt voor een laptop ook apps te kunnen kopen maar behalve typen en surfen doe ik niets met de laptop. Ik begrijp de behoefte van mensen ook niet om zich constant te monitoren met smartwatches en stappentellers etc. Als ik wil lopen ga ik lopen, als ik ’s ochtends moe wakker word hoef ik niet mijn slaap-app te raadplegen om te weten dat ik niet optimaal uitgerust ben. En zeker ga ik niet betalen voor een app.

Pennen. Ik heb een vulpen en een balpen, allebei zijn ze hervulbaar dus op vulling na, hoef ik nooit een zak met 10 bic’s te kopen en er 9 kwijt te raken in de eerste drie dagen dat ik ze heb.

Handtassen. Ik heb drie jaar geleden een mooi exemplaar gekocht bij Nicola Jane op etsy, een handgemaakte, zeer afgeprijsde die er nog als nieuw uit ziet. Ik gebruik hem niet veel meer dus ik weet niet of deze blijft, maar dit was de laatste tas die ik kocht.

Sieraden. Ik heb mijn twee ringen en ketting met zwarte roos die ik van de man kreeg alsmede mijn horloge altijd aan en dat is het. Ik heb een piepklein zakje met wat nostalgische sieraden die ooit van mijn dochters worden maar verder niet. De meeste sieraden, hoe prachtig ik ze ze ook vind, irriteren me al snel. Ringen, armbanden, kettingen… en wat niet irriteert (piercings) daar ben ik –how convenient- allergisch voor geworden.

Haarstylingspul. Ik was mijn haar en laat het drogen in de lucht. Eens in de maand zet ik het in de henna. Ik heb geen føhn, eens in de zoveel tijd koop ik een dik elastiek voor als ik mijn haar niet los wil dragen en verder doe ik er niets mee. Ik ben geen mens voor een kapsel dat onderhouden moet worden, speldjes en doekjes irriteren me en met stylingspullen heb ik geen idee wat ik er mee zou moeten en ik wil het ook niet weten.

Oogschaduw. Zo jaren 80. Ik gebruikte lang een zilveren oogschaduw, tot dat me ook niet meer paste, vond ik. Nu gebruik ik mascara en soms eyeliner. Lekker simpel.

Theetjes’. Ik vind het idee van thee altijd veel leuker dan thee drinken. Het enige dat ik graag drink is losse earl grey. Voor de kinderen heb ik wat cafeïnevrije varianten voor ’s avonds maar ik ben gestopt met het idee dat ik als ik maar leuke thee koop, ik thee ga drinken. Ik houd meer van de atmosfeer en het van thee, dan van thee zelf.

Tijdschriften. Ik kan me echt niet herinneren wanneer ik voor het laatst er eentje las, laat staan dat ik er eentje kocht. Ik krijg de ‘Vår fuglefauna’ van de Noorse vogelbescherming. Dat dan weer wel.

Dingen voor aan de muur. Soms vind ik iets echt intens leuk en wil ik het hebben-hebben, maar als ik even wacht verdwijnt die zin als sneeuw voor de zon. Ik heb een metalen keltische levensboom en een metalen tak met vogeltjes en dat is het enige dat er aan de muur hangt. Ik heb anderhalf jaar geleden twee mooie zwart-wit afbeeldingen gekocht, een met een hert en een met een baby-uiltje. Ik kan ze nog niet wegdoen maar ik heb ook geen zin om er grote lijsten voor te kopen. Dat bedoel ik: alles wat ik koop, ben ik toch vroeg of laat zat, so why bother at all….

Eten buiten de deur. Afgezien van een ijsje bij de ijskiosk, eten we nooit ergens anders dan thuis. Heel soms bij vrienden maar nooit wordt ons eten door iemand die daarvoor betaald wordt, geserveerd. Ik zie de lol niet van wachten op eten dat ik zelf beter maak voor een tiende van de prijs, geveinsde vriendelijkheid van bediening, wachten op een vergeten vork etc. Ik vind het leuk als mensen bij ons komen eten, gezellig en ik geef iedereen het beste dat we hebben maar zelf naar een restaurant gaan is aan mij niet besteed.

Kinderspeelgoed. De kinderen krijgen van mijn ouders zo nu en dan wat opgestuurd. Meestal stiften, knutselspullen of ze mogen iets uitzoeken zoals een spelletje voor de nintendo maar groot speelgoed kopen we niet. Althans, geen poppenhuizen, barbiecampers, schietgeweren, waterpistolen en zulks. Ze hebben wel een (gratis) speelhuisje gekregen en de man heeft een opblaasboot met een klein motortje op de kop getikt voor de oudste twee maar dat is anders 😉 In elk geval kunnen ze daarmee zelf verzinnen wat ze doen, of ze  kunnen zelf de scherenkust ontdekken vanaf het water, hoe tof is dat.

Wegwerpdingen. En dingen in een enkele verpakking. Scheermessen, doekjes, per 1 verpakte snacks… al die dingen waar je tussen een paar seconden tot een paar uur mee doet waarna je het weg moet doen. Ik heb een Hydroflask voor iedereen een, die altijd mee gaat en soms de tegenwoordigheid van geest om een doekje mee te nemen dat we nat kunnen maken in het geval van kleefhanden.

Gadgets. Ik heb een simpele nokia om te bellen en gebruik de smartphone alleen voor dingen die anders veel gedoe zouden zijn, zoals een document doormailen naar iemand bijvoorbeeld. Mijn kindle van drie jaar oud doet het nog prima en het scheelt me tonnen aan papier dat ik die gebruik. Verder doe ik niet aan handige dingen met internetverbinding, of electronische dingen, op het meest gebruikelijke na.

Creditcard. Hier hebben we een visa debitcard, die we gebruiken als we niet cash betalen. Geen credit, ik heb een hekel aan dingen verschuldigd zijn.

Televisie. We hebben een scherm voor de spelcomputer, geen televisie. Ik kijk geen msm, al 12 jaar niet meer. Films kijken we op de laptop.

Speciale kleding voor gelegenheden. Want er zijn niet zo veel gelegenheden, is het wel? 😉 Maar ook daarvoor deed ik al genoeg moeite ze te vermijden. Ik heb een zwarte knielange jurk van stevige stof met een kanten randje die ik kan gebruiken als ik onverhoopt ergens netjes zou moeten verschijnen maar die is ook al jaren onderdeel van mijn capsule wardrobe.

Workout spullen. Ik heb een kettlebell, die ik al lang niet meer heb aangeraakt overigens. Ik ga liever wandelen dan rennen. Soms til ik zware dingen en ik ben bijna altijd wel in beweging, in de tuin of in huis of boodschappen doen voor zes mensen of… Maar aan sport doe ik niet. Als ik dat zou willen trek ik een legging en een groot t-shirt van de man aan en ben ik goed om te gaan. Ik koop niet eerst een yogamat, twee paar schoenen, een top en een hartslagmeter als ik bedenk dat ik eens iets ‘sportiefs’ zou moeten doen.

Giftige cosmetica. Het is zo gekocht, die leuke oogschaduw of lippenstift maar niet zelden komt het uit China, vol met wie weet wat, en ook gemaakt in Europa is geen garantie voor een gifvrije maquillage. Op ewg.org kan je checken wat er in je sminke zit en of het verdacht wordt van vreemde ‘bijwerkingen’. Onthullend, in veel gevallen. Ik houd het bij dr. Hauschka op mijn ogen en Paese voor andere dingen. Verder gebruik ik simpele zeep en shampoo zonder rommel en olie om te smeren.

Sjemiese schoonmaakspullen. Want als je je huis enigszins schoon houdt, hoef je nooit naar chemische rommel te grijpen.

Wijn en bier. Althans, niet kant en klaar. Want 3 x zo duur in het geval van bier, en van wijn nog ernstiger. We betalen genoeg skatt, bedankt.

Bloemen en planten. Ik kocht soms een bos witte tulpen, als ze niet meer dan 30 kr kosten maar ik ben al in geen tijden bij de kea geweest, de enige plek waar ze enigszins betaalbaar groen hebben. Mijn planten overleven meestal de winter niet, wegens te koud en te donker denk ik. Alleen de zamioculas doet het als een gek dus die blijft, zo lang ie het doet.

Laptop. Mijn laptop overleed vorig jaar ofzo. Sindsdien doen de man en ik samen met eentje. Dat betekent dat ik ’s avonds, als de kinderen op bed liggen geen stukjes kan typen over het algemeen, maar och… Ik heb geen zin in om veel geld uit te geven aan iets dat over een paar jaar ook weer kapot is. Het gaat prima zo.

En zo is er nog veel meer. Het leven is makkelijker als je heel veel dingen kan laten voor wat ze zijn.

Meer echte eenvoud, een ijsje en koopstop.

Dit weekend haalde de man de laatste delen van het kippenhok op. Het is ZO vreselijk veel hout! 😀 Maar hij heeft deze week twee dagen vrij, dus hopelijk kunnen we het in elk geval klaarmaken voor een aantal kippen.

De kinderen zet ik vandaag aan het werk om uit alle planken spijkers te verwijderen. Het kinderspeelhuisje staat in elk geval wel opgebouwd en in elkaar en is klaar om geverfd te worden. Er moeten een nieuwe veranda (met planken die we nog hebben) en dakbedekking op en dan kunnen de kinderen er in wonen spelen.

Gisteren gingen we voor de laatste keer om een ijsje in Brekkestø voor de kinderen. Qua laatste weekend van de vakantie ofzo. Het was heel de weg nogal dreigend maar uiteindelijk was het toch aangenaam weer. Wel zijn er heel de tijd de meest onverwachte onweers- en regenbuien. Mooi, maar wel onpraktisch als je buiten aan het klussen bent.

Ik lees nu een geweldig boek over een stel dat een off grid huisje met heel veel grond koopt vlakbij de Pyreneeën. Het doet me altijd goed om voorbeelden uit het echte leven te lezen waarin mensen met veel minder leven en het ook goed hebben. Het is een paar maanden gelegen gepubliceerd en geschreven ten tijde van Brexit en C., dus het voelt niet als een document uit een wereld die niet meer bestaat.

From now on their lives would be simple, pared back to the basics, but they found that an off-grid lifestyle was by no means an uncomfortable experience. Responsibilities didn’t disappear but they changed, becoming less onerous. There was more time to think, and to appreciate the natural world around them. Living in such rural isolation, each day brought something new to marvel at: deer browsing in the field at dusk, salamanders on the doorstep, owls calling by night.

Het klinkt heerlijk. Ik verlang ook steeds meer naar echte eenvoud. Ik vraag me af waarom ik nog spullen houd die ik misschien 10% of minder van de tijd gebruik. Natuurlijk, in sommige gevallen is dat uiterst handig. Een trechter, mijn grote rugzak of bijl gebruik ik niet dagelijks en in sommige gevallen gebruik ik dingen maanden achter elkaar niet, tot ik ze wel nodig heb maar er is nog genoeg dat ik nooit echt nodig-nodig heb en waar ik geen aandacht meer aan wil besteden.

Mijn houding ten opzichte van de spullen verandert. De dingen zijn nog even nuttig, of nutteloos als een maand geleden, maar ik vraag me af of ze nog een plek hebben in mijn leven. Het is niet meer: is dit nuttig in de zin van handig of mooi maar meer van: zou ik dit meenemen als ik nu naar mijn droomhuis (een klein cottage of houten huisje midden in het bos) zou verhuizen?

Het antwoord is verrassend vaak negatief. Hoewel ‘nee’ betekent dat ik het met een gerust hart weg kan doen, dus eigenlijk positief 🙂

Wat er weg ging? Glazen, dunne kanten gordijnen (ik heb dikke witte katoenen om de warmte nu, tocht en inkijk straks daadwerkelijk buiten te houden), een deel knutselspullen zoals porseleinverf, voor 80% opgebruikte stickervellen), de ehbo-koffer (alles was tot 2012 goed, ik kocht een compacter en evengoed uitgerust exemplaar), kleding en nog meer kleding, donkere lippenstift (het doet me ouder lijken dan ik ben), rommel uit de koelkast (toch fijn dat mijn zoon een pak melk met de dop er niet goed op bovenin legde), kinderboeken die we ook bij de bieb of online kunnen lezen (ik houd de ‘klassiekers’), textiel en kussens, een houten kist, blikjes, ladeverdelers (er is niets meer te verdelen), cupcakevormen, de manden van mijn draadmandstatief (het ding zakte door zijn hoeven onder het gigantische gewicht van crackers, een paar pakken muesli en wat zakjes met noten en gedroogd fruit), een kast, nog een kast (want niets meer om erin te zetten), bakblikken (ik bak toch meestal in pannen of ovenschaal) en nog wat losse dingetjes.

Een boot zinkt niet door het water om hem heen maar door het water dat erin is. En de beste manier om te blijven drijven is door overbodige ballast overboord te gooien.

bron: https://www.enkiquotes.com/three-men-in-a-boat-quotes.html

Altijd als ik bedenk wat het belangrijkste, het enige ,in mijn leven is, verwondert het me dat het lijstje zo vreselijk kort is. Zo eenvoudig. Gezin, dak boven ons hoofd, te eten, hout voor in de kachel.

Natuurlijk zijn sommige dingen handige hulpmiddelen en zijn er dingen voor het leuk maar belangrijk, zijn ze geenszins. Dus waarom zou ik ze meer aandacht geven dan strikt noodzakelijk?

En dat weet ik al langer, daarom leven we zoals we leven. De contrasten tussen noodzakelijk en niet noodzakelijk zijn alleen nog scherper aan het worden, de laatste tijd.

Ik kan van alles bewaren voor ooit, vanwege de situatie in de wereld. Maar zoals Thoreau zei:

“It is desirable that a man live in all respects so simply and preparedly that if an enemy take the town... he can walk out the gate empty-handed and without anxiety.”

Vasthouden aan dingen zonder specifiek voor de onvoorziene toekomst is naar mijn idee nog altijd nutteloos. Er zijn nuttige dingen voor ‘stel dat’. Een waterfilter, een fluitketel, een gaskacheltje. Er zijn nutteloze dingen voor ‘stel dat’. 40 handdoeken, een paar knellende schoenen en lekkende snelkookpan op zolder.

En er zijn dingen die gewoonweg overbodig zijn. Dingen waar we absoluut wel iets aan zouden kunnen hebben, maar die niet van pas komen als je wil dat absolute eenvoud je levenshouding is. Dingen waar je zonder enige moeite zonder kan.

Is het niet zonde? Nee. Ik ben niet van plan ze terug te kopen en het zijn dingen die het afgelopen jaar hun nutteloosheid wel bewezen hebben. Niet omdat ik ze nooit gebruikte maar omdat ik prima zonder kan.

Vanaf nu hebben we weer (heerlijk) een koopstop en kopen we niets anders dan het strikt noodzakelijke. Groenten bij de groentenboer, vlees van boeren uit de buurt, bulkgoederen bij de toko of de biologische bezorger en zo min mogelijk bij de supermarkt. Andere winkels, fysiek of online, laten we fijn voor wat ze zijn. De kringloop bezoek ik alleen nog bij de achteringang, om dingen te doneren. Kringloopwinkelen is uiteindelijk in 90% van de gevallen, ook compleet nutteloze consumptie.

De tijden waarin ik winkels en dingen kopen zo goed als helemaal kan vermijden, zijn de tijden waarin ik me ook het beste voel. Het meest kalm. Relaxed. Door links te laten liggen wat we niet nodig hebben worden we alleen maar sterker en onafhankelijker.

En nu ga ik fijn een stukje in zee zwemmen!

Haarverven, ont-ikea’en en ander leuks.

Het is een heerlijke dag vandaag. Dat is fijn, want de oudste gaat ‘op kamp’. Met een bootje gaan ze naar een eiland tegenover Lillesand en blijven daar tot morgen. Dat zou eigenlijk vorig jaar al plaats hebben moeten vinden maar toen besloot men in alle wijsheid dat kinderen buiten in het bos een veel groter besmettingsgevaar opleverde dan diezelfde kinderen bij elkaar in een klas. Sinds zaterdag was ze bezig met haar tas inpakken. De wafels voor lunch, kveldsmat (een snack tegen 8 uur ’s avonds omdat veel mensen rond vieren al diner eten, dat overigens heel handig ‘middag’ genoemd wordt) en ontbijt zijn gebakken en of ik haar wilde brengen. Eigenlijk niet maar ik moet toch een pakje ophalen en dan kom ik er letterlijk langs, dus vooruit.

Gisteren heb ik mijn haar geverfd met ‘rotblond’ van Sante. Mijn haar was aan de bovenkant donker en aan de onderkant bijna wit wegens eerder blonderen en dat zag er niet uit.

Ik ben alleen gigantisch allergisch voor alle donkere haarverf, behalve henna dus dit was mijn enige optie om er weer een beetje een geheel van te maken. En dat is best redelijk gelukt. Een voordeel van henna is ook dat het je haar heel erg zacht maakt en verzorgt. Enige nadeel is dat er weinig mogelijkheden zijn om het eruit te krijgen, anders dan laten uitgroeien maar dat moet dan maar.

Ik bedenk nu dat ik m’n haar best even had kunnen borstelen voor ik er foto’s van maakte, maar vooruit. Er is nog wel enig verschil tussen uitgroei en mijn eigen kleur maar veel minder sterk.

Toch wil ik graag nog een tint donkerder. Ik vind het niet mooi als mijn haar dezelfde kleur heeft als mijn gezicht en vind mijn uitdrukking altijd erg flets, zeker zonder make up. Ik denk dat ik daarom altijd zwart draag. Ik heb dezelfde verf nu in ‘terra’ besteld, een bruine kleur met niet al te veel roodtinten, dus die kan ik hopelijk vanavond uitproberen.

Verder ben ik zo langzaamaan ons huis aan het ont-ikea’en. Ik was altijd nogal makkelijk en als ik iets nodig had, kocht ik het vaak daar want winkelen voor huismeuk vind ik een van de ergste dingen. Maar beetje bij beetje wordt het minder massa-productie en wat meer ouwe Noorse dingen. Het is ook voor een groot deel bezigheidstherapie maar ik vind het best leuk om er iets van te maken dat eigenlijk meer bij ons past, met wat uniekere dingen.

En dan moeten we nu eigenlijk al zo’n beetje vertrekken, dus tot later!