Omgekeerd preppen.

Foto door Tom Fisk op Pexels.com

De ernst van de situatie begint steeds beter door te dringen bij me en ik moet zeggen: ik word er niet vrolijk van. De overheid zelve hier waarschuwt voor ‘matkrise’… ‘Mat’ is voedsel. Onder druk van de EU heeft Noorwegen in 2003 zijn voorraden voedsel en medicijnen moeten opgeven, de lege graansilo’s zijn omgebouwd tot deprimerende studentenwoningen, of iets… kunstzinnigs ofzo, zoals in Kristiansand.

Er lijkt nog weinig aan de hand, de prijzen zijn nog niet keihard gestegen maar we moeten onthouden dat we nu leven van de oogst van vorig jaar, toen een liter benzine de helft tot tweederde kostte van wat het nu kost en grondstoffen voor de landbouw nog voor enigszins normale prijzen over de toonbank gingen. Toen een kWh 15 øre kostte, en geen 268.

Dus ja, preppen doe ik absoluut. Voor iedereen die zo naïef is om te denken dat de overheid ze wel komt redden: als de overheid niets meer uit te delen heeft, naar wie ga je dan? Je buren of familie die je nu verkettert of uitmaakt voor wappie, paniekzaaier of egoïst?

Ik kies ervoor om wat ik nu over heb, om te zetten in zaken die we in de toekomst toch wel nodig zullen hebben. Zal het uiteindelijk nuttig blijken te zijn geweest? De toekomst zal het leren, in elk geval nuttiger dan je in slaap laten sussen.

De belangrijkste dingen, water, voedsel, warmte, daar moeten we op focussen. Net zoals iets weten over genezing en ziekte, voeding en oogsten uit de natuur.

Tegelijkertijd vind ik het belangrijk om me van zo veel mogelijk ballast te ontdoen om plaats te maken voor wat echt belangrijk is. Letterlijk. En nog meer dan anders.

Maar ook: zorgen dat ik (nog) minder heb waar ik me aan vast wil houden.

Bepaalde gewoontes, comfort, ondeugden…. Ik heb het echt liever aangenaam dan koud, drink liever wijn dan water om half vijf ’s avonds en eet liever tapas dan koolraap maar voor mijn eigen gemoedsrust is het beter te beseffen dat er een gerede kans is dat ik het straks meer van het laatste en minder van het eerste is.

Ook geestelijk. Soms vind ik het lastig om me dingen niet aan te trekken maar wat heb ik aan al dat ge-aantrek? Werkelijk niets. Sterker: het werkt tegen me. Dus ook dat zijn dingen die ik moet laten gaan.

Ik sta versteld van de deugmensen die nog steeds niet (willen) zien wat er gaande is. Die hardnekkig weigeren de ‘complottheorieën’ te accepteren, die we een voor een waar zien worden.

Je hoeft je echt niet bezig te houden met HAARP, reptilians en Epstein om te beseffen dat er iets niet in de haak is: er wordt een schaarste gecreëerd die ons komend seizoen op zal breken. Wat we nu eten, is de oogst van vorig jaar. Misschien valt het mee, misschien valt het tegen maar waarom zou je erop gokken dat het meevalt?

Ruimte maken voor de dingen die belangrijk zijn, deed ik nog nooit zo letterlijk.

Ik kan ook steeds slechter tegen ‘ruis’. Tegen afleiding. Tegen dingen die mijn tijd innemen zonder iets toe te voegen. Het idee dat ik voor spullen moet zorgen die mijn kostbare fysieke en mentale energie opgebruiken, staat me steeds meer tegen. Ik wil me in zware en donkere tijden licht voelen. Zo licht mogelijk en dat doe ik door dingen overboord te kieperen.

Hoe minder je nodig hebt, hoe vrijer je bent.

Als je aanwent om redelijk comfy te zijn met 16 graden in huis, scheelt dat 5 graden extra opwarmen en betalen. Als je zorgt dat je per seizoen een paar schoenen nodig hebt, scheelt dat geld, tijd en ruimte voor het onderhouden van de andere zes paar. Als je douchegel, bodylotion en elke dag lang warm douchen laat voor wat het is, is het geen probleem voor je als die dingen opeens niet meer zo vrijelijk beschikbaar zijn.
Als je went aan een derde minder kcal eten dan scheelt dat een derde aan extra voedsel nodig hebben.
Doe als de mensen hier tot een paar decennia geleden nog deden en leef in de koude maanden in de keuken en verwarm alleen daar.
Wen af van de gewoonte om elke dag vlees te eten. Besef dat je met een garderobe met twee broeken en twee truien, ook de winter doorkomt.

Verander nu, voor je straks echt moet.

Maak letterlijk ruimte voor wat echt belangrijk is maar combineer voorbereid zijn met plezier in het leven, ook al moet je je gewoontes aanpassen aan de nieuwe realiteit. Zie leven met minder als leven met meer helderheid, betere prioriteiten, meer kalmte.

Belangrijker dan een kelder vol met blikvoer is beseffen dat je lichaam gemaakt is voor tegenslag. Dat je gezonder bent als je niet vijf maar per dag eet maar dat twee keer ook voldoet. Dat je lichaam zich aanpast aan lagere temperaturen, lang lopen, meer fysieke arbeid, ander voedsel.

Laat gaan wat je gewend was, in plaats van er wanhopig aan vast te houden.